Raads­vragen: Vuur­wer­kin­cident met kat in Bloemhof


Indiendatum: jan. 2020

Geacht college,

De gemeenteraadsfractie van de Partij voor de Dieren is ernstig geschrokken van een incident dat zich in de dagen voorafgaand aan Oud en Nieuw aan de Korte Heinlantstraat in Bloemhof heeft voorgedaan. Een kat is vermoedelijk door vuurwerk flink gewond geraakt. Het dierenopvangcentrum in Vlaardingen die zich over de gewonde kat heeft ontfermd, stelt in een bericht op Facebook ( getoond op de website van RTV Rijnmond [1]) dat de kat deels ontveld is op de rug en een kapotte anus heeft waar ook nog eens stukjes plastic in werden aangetroffen. Ook heeft de kat geen staart. Het dierenopvangcentrum in Vlaardingen is momenteel op zoek naar de eigenaar, bezitter dan wel houder van de kat.

1. Wat weet u van het incident waarnaar wij verwijzen?

2. Is inmiddels bekend wie de eigenaar, bezitter dan wel houder van de kat is?

De Rotterdamse politie laat in reactie op deze verschrikkelijke gebeurtenis weten dat het blootstellen van dieren aan vuurwerk met fysieke verwondingen tot gevolg een misdrijf is. Zij verwijst naar de Wet dieren [2], meer specifiek naar Artikel 2.1 dat gaat over dierenmishandeling.

3. Weet u hoe de politie dit incident heeft opgepakt? En is er al een dader of dadergroep in beeld?

De Eenheid Rotterdam van de politie heeft taakaccenthouders dierenwelzijn in dienst. Dit zijn politieagenten die aanvullend op hun reguliere werkzaamheden meer aandacht schenken aan het opsporen van dierenmishandeling dan andere agenten. Onlangs is in de vergadering van de commissie Veiligheid en Bestuur [3] de politiecapaciteit en keuzes voor de inzet van de politie besproken. De burgemeester is verantwoordelijk voor de allocatie van politiecapaciteit voor de diverse domeinen waar deze inzet nodig is. Tijdens de vergadering was ook de waarnemend korpschef van de Eenheid Rotterdam van de politie aanwezig. Op onze vraag of de huidige politiecapaciteit voor het opsporen van dierenmishandeling ook in de toekomst gehandhaafd blijft, stelde de waarnemend korpschef het volgende:

“Het zijn taakaccenthouders. (…) Dit zijn niet mensen die volledig zijn vrijgesteld van het reguliere werk, voor dierenwelzijn. Die mogen een gedeelte van hun tijd aan het onderwerp besteden. Door de interne druk die nu is ontstaan, vermindert die tijd de komende periode een beetje. Dat betekent dat ze in ieder geval nog ruimte hebben om aandacht te besteden aan datgene waartoe ze via meldingen worden opgeroepen. En er is minder ruimte om op eigen initiatief op dit onderwerp aandacht te besteden.”


4. Beschouwt u het als problematisch dat de vrije ruimte van taakaccenthouders dierenwelzijn om aandacht aan dit onderwerp te besteden in de komende periode wordt ingeperkt? Indien nee, waarom niet?

5. Hoe vergewist u dat binnen Rotterdam op een adequate wijze uitvoering wordt gegeven aan de Wet dieren, gegeven de inperking van de aandacht die taakaccenthouders dierenwelzijn van de Rotterdamse politie mogen besteden aan het onderwerp?

Taakaccenthouders dierenwelzijn van de Rotterdamse politie zijn algemene opsporingsambtenaren, net als ‘reguliere’ politieagenten. Wij betreuren het dat deze taakaccenthouders door het huidige tekort in capaciteit bij de politie niet meer toekomen aan het opsporen van dierenmishandeling. Meer nog dan in andere domeinen van het politiewerk is opsporing van eminent belang om dierenmishandeling tegen te gaan. Want dieren hebben uiteraard niet de mogelijkheid om zelf een melding te doen. Het incident in Bloemhof van eind december 2019 laat treffend zien dat opsporing van dierenmishandeling geen overbodige luxe is. Sowieso is de jaarwisseling een stressvolle gebeurtenis voor dieren.

6. Vindt u net als wij dat taakaccenthouders dierenwelzijn van de Rotterdamse politie hun bevoegdheid zouden moeten kunnen gebruiken voor het opsporen van dierenmishandeling? Indien nee, waarom niet? Indien ja, hoe gaat u hiervoor zorgen in de allocatie van politiecapaciteit?

7. Hoe vergewist u dat ook dieren een veilige jaarwisseling tegemoet kunnen treden?

Op dit moment biedt de Algemene plaatselijke verordening (Apv) van de gemeente Rotterdam de mogelijkheid gebieden aan te wijzen waar de vuurwerkzone niet geldt als blijkt dat er in het verleden sprake is geweest van overlast. Dit bepaalt het college in samenspraak met onder andere de hulpdiensten.

8. Gaat u het vuurwerkincident met de kat in Bloemhof betrekken in uw jaarlijkse overleg met onder andere de hulpdiensten over het aanwijzen van gebieden waar de vuurwerkzone niet geldt? Indien nee, waarom niet?

1 https://www.rijnmond.nl/nieuws/190165/Kat-mogelijk-door-vuurwerk-zwaar-gewond

2 https://wetten.overheid.nl/BWBR0030250/2019-01-01

3 https://rotterdam.raadsinformatie.nl/vergadering/690567/Commissie%20Veiligheid%20en%20Bestuur%20%282018-2022%29%2019-12-2019

Indiendatum: jan. 2020
Antwoorddatum: 20 jan. 2020

Klik hier voor de beantwoording van het college van burgemeester en wethouders op de website van de gemeenteraad van Rotterdam.