Raads­vragen: Illegale en giftige mengsels in Rotter­damse stookolie


Geacht college,

Rotterdamse brandstofbedrijven verwerken illegale afvalstoffen in hun stookolie. De stookolie bevat daardoor buitensporig veel kankerverwekkende stoffen. De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) doet momenteel een strafrechtelijk onderzoek naar zes producenten en handelaren die zich de afgelopen jaren niet aan de Europese wetgeving hebben gehouden1.

1. Wat is volgens u de oorzaak dat tenminste zes producenten en handelaren zich al jaren niet aan de Europese wetgeving hebben gehouden?

2. Deelt u de mening dat milieucriminaliteit te weinig prioriteit krijgt? Indien nee, waarom niet?

3. Hoe zijn de illegale praktijken van deze zes bedrijven uiteindelijk aan het licht gekomen?

4. Vindt u het ook zorgelijk dat inmiddels bij ongeveer de helft van de sector bestuursrechtelijk is opgetreden tegen illegale praktijken? Indien nee, waarom niet?

In december 2017 nam de documentaire Beerput Nederland de kijker mee door vijftig jaar vaderlandse milieucriminaliteit2. Er wordt getoond hoe al decennia lang giftig afval wordt gedumpt in rivieren en zeeën of wordt vermengd met stookolie.

5. Deelt u de mening dat we te maken hebben met een sector waar milieucriminaliteit structureel voorkomt en waar het ontbreekt aan een moreel kompas? Indien nee, waarom niet?

Naar aanleiding van de documentaire reageerde het Havenbedrijf Rotterdam – waar de gemeente Rotterdam grootaandeelhouder van is – dat ze geen enkele faciliterende rol hebben in het illegaal mengen van brandstoffen3. Ze zouden, via een samenwerkingsverband, juist bijdragen aan het transparanter en efficiënter maken van het bunkerproces.

6. Kunt u uiteenzetten welke voortgang het Havenbedrijf Rotterdam hier inmiddels in heeft geboekt? Bent u tevreden over deze voortgang? Indien ja, waarom? Indien nee, waarom niet?

7. Op welke wijze spant u zich in om illegale praktijken in de brandstofsector tegen te gaan? Bent u positief over de voortgang die daarmee bereikt wordt? Indien ja, waarom? Indien nee, waarom niet?

8. Deelt u de mening dat de inspanning van zowel het Havenbedrijf Rotterdam als van de gemeente vergroot dient te worden? Indien ja, op welke wijze bent u bereid dit te doen? Indien nee, waarom niet?

1 https://www.nrc.nl/nieuws/2018/07/09/strafrechtelijk-onderzoek-naar-misstanden-in-brandstofbranche-a1609436

2 https://www.2doc.nl/documentaires/series/2doc/2017/december/beerput-nederland.html

3 https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2017/12/06/reactie-op-documentaire-beerput-nederland

Antwoorddatum: 4 dec. 2018

1. Wat is volgens u de oorzaak dat tenminste zes producenten en handelaren zich al jaren niet aan de Europese wetgeving hebben gehouden?

"Sinds enige jaren is in Europa de REACH-verordening van kracht. De verordening beschrijft waar bedrijven en overheden die betrokken zijn bij de productie van en handel in chemische stoffen zich aan moeten houden. Het effect van deze regelgeving is helaas nog onvoldoende terug te zien in de bedrijfsprocessen in de brandstofsector."

2. Deelt u de mening dat milieucriminaliteit te weinig prioriteit krijgt? Indien nee, waarom niet?

"Ja, wij vinden dat de aanpak van de milieucriminaliteit een grote prioriteit verdient."

3. Hoe zijn de illegale praktijken van deze zes bedrijven uiteindelijk aan het licht gekomen?

"De illegale praktijken kwamen aan het licht toen de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) in 2015-2017 een nieuwe gecombineerde toezichtstrategie op basis van zowel de afvalregelgeving als REACH hanteerde. Bij dit meer risicogerichte toezicht worden diverse brandstofstromen van producenten en handelaren onderzocht op herkomst en samenstelling."

4. Vindt u het ook zorgelijk dat inmiddels bij ongeveer de helft van de sector bestuursrechtelijk is opgetreden tegen illegale praktijken? Indien nee, waarom niet?

"Ja. Het is daarom goed dat de ILT de gecombineerde afval- en REACH-inspecties intensiveert."

5. Deelt u de mening dat we te maken hebben met een sector waar milieucriminaliteit structureel voorkomt en waar het ontbreekt aan een moreel kompas? Indien nee, waarom niet?

"Door de ILT zijn er verschillende overtredingen van de afval- en REACH-regels geconstateerd. Dat vinden wij ernstig. Een aantal constateringen gaf aanleiding om strafrechtelijk onderzoek in gang te zetten. De uitkomst daarvan wordt nu afgewacht. De sector laat tot op heden onvoldoende zien verantwoordelijkheid te nemen om risico’s door zijn producten in de gebruiksketen te minimaliseren. Het doel van de REACH-aanpak van de ILT is een actievere ketenverantwoordelijkheid te realiseren."

6. Kunt u uiteenzetten welke voortgang het Havenbedrijf Rotterdam hier inmiddels in heeft geboekt? Bent u tevreden over deze voortgang? Indien ja, waarom? Indien nee, waarom niet?

"Het Havenbedrijf Rotterdam (HbR) geeft aan dat een lijst van stoffen die als ongewenst worden beschouwd een van de resultaten is van het samenwerkingsverband. De lijst moet voor de Internationale Maritieme organisatie (IMO), die gaat over de wereldwijde regelgeving voor schepen, gaan gelden als internationaal handvat bij het bepalen van wat ongewenste stoffen in bunkerolie zijn. Daarnaast start het HbR een aantal pilots waarmee in beeld wordt gebracht hoe (en waar in het proces) extra monsternames kunnen zorgen voor beter traceerbare productstromen.

Rotterdam volgt de ontwikkelingen van nabij en realiseert zich hoe complex dit wereldwijde dossier is. We zijn van mening dat stevig moet worden doorgepakt op het transparanter maken van het bunkerproces."

7. Op welke wijze spant u zich in om illegale praktijken in de brandstofsector tegen te gaan? Bent u positief over de voortgang die daarmee bereikt wordt? Indien ja, waarom? Indien nee, waarom niet?

"De afgelopen maanden zijn de contacten tussen de verschillende betrokken overheden geïntensiveerd. De gemeente en de DCMR onderzoeken samen met de ILT, de provincie Zuid-Holland, HbR en de Zeehavenpolitie alle mogelijkheden die er zijn om het illegaal mengen van afvalstoffen tegen te gaan. Rotterdam zet zich er daarnaast voor in om de problematiek ook landelijk en Europees meer prioriteit te geven."

8. Deelt u de mening dat de inspanning van zowel het Havenbedrijf Rotterdam als van de gemeente vergroot dient te worden? Indien ja, op welke wijze bent u bereid dit te doen? Indien nee, waarom niet?

"Ja. Om die reden hebben we met de ILT afgesproken dat zij (als eerst verantwoordelijk bevoegd gezag) op korte termijn met betrokken overheden om tafel gaan zitten om afspraken te maken over het verbeteren van de aanpak. Ook op bestuurlijk niveau zal Rotterdam landelijk om meer aandacht vragen voor dit dossier."