Raads­vragen: Gepast, gewenst en haalbaar – vervolg­vragen op 19bb11853


Geacht college,

Wij hebben de beantwoording1 op onze schriftelijke vragen over ongepaste spierballentaal van de directeur van het Havenbedrijf Rotterdam van eind 2018 in goede orde ontvangen. Hierin stelt het college verrast te zijn door de directeur van het Havenbedrijf Rotterdam die stelde dat elke Rotterdamse maatregel bovenop landelijke maatregelen om de CO2-uitstoot terug te dringen “ongepast, ongewenst en onhaalbaar” is.

In voornoemde beantwoording stelt het college ook dat er geen licht zit tussen de ambities van de gemeente Rotterdam en het Havenbedrijf Rotterdam aangaande de vergroening van het havenindustrieel complex. Die ambitie is terugdringing van de CO2-uitstoot van 49% in 2030 ten opzichte van 1990. De ambitie is zowel verwoord in een factsheet2 van het Havenbedrijf Rotterdam als in de doelstellingen3 van het college.

De doelstelling van het college gaat logischerwijs over terugdringing van de Rotterdamse CO2-uitstoot. Het is daarom belangrijk om de Rotterdamse CO2-uitstoot te kennen. Die uitstoot is tussen 1990 en 2016 flink groter geworden, zoveel zelfs dat de doelstelling van het college te komen tot terugdringing van 49% in 2030 ten opzichte van 1990 zich vertaalt in een CO2-reductiedoel van 65% in 2030 ten opzichte van 2016. Dat is een stijging van zestien procentpunt. Dit blijkt uit navraag van ons bij het college. De landelijke CO2-uitstoot is tussen 1990 en 2016 nagenoeg gelijk gebleven, blijkt uit cijfers4 van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) in samenwerking met het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM). Er is een stijging van drie miljard kilo aan CO2 te bespeuren, oftewel een stijging van 0,018%. Dat vertaalt zich in een landelijk reductiedoel van zo'n 50% in 2030 ten opzichte van 2016, oftewel een stijging van grofweg één procentpunt. Overigens is deze lichte stijging van de landelijke CO2-uitstoot in 2017 weer teniet gedaan.

Het verschil tussen de Rotterdamse doelstelling en de landelijke doelstelling ten aanzien van de CO2-reductie is dus vijftien procentpunt op basis van de meest recente cijfers uit 2016 waar stad en land mee kunnen worden vergeleken. Het Havenbedrijf Rotterdam geeft terreinen uit die binnen de grenzen van de gemeente Rotterdam vallen. Die terreinen worden uitgegeven aan bedrijven die tezamen goed zijn voor ruim negentig procent van de Rotterdamse CO2-uitstoot. Het behalen van het Rotterdamse CO2-reductiedoel gebeurt daarom in de haven. En toch heeft de directeur van het Havenbedrijf Rotterdam gemeend dat aanvullend Rotterdams klimaatbeleid ongepast, ongewenst en onhaalbaar is.

1. Hoe kan het volgens u dat het Havenbedrijf Rotterdam nog altijd niet doordrongen is van het feit dat de Rotterdamse doelstelling ten aanzien van terugdringing van de CO2-uitstoot meer zwaarwegend is dan de landelijke doelstelling, namelijk een verschil van vijftien procentpunt in het doel de CO2-uitstoot in 2030 terug te dringen ten opzichte van 2016, als meest recente vertaling van de cijfers uit 1990?

2. Stelt u nog altijd dat er geen licht zit tussen de ambities van de gemeente Rotterdam en het Havenbedrijf Rotterdam over vergroening van het havenindustrieel complex? Indien ja, waarom? Indien ja, bent u in dat kader bereid in de aankomende Havenvisie voor 2030 expliciet te benadrukken dat het CO2-reductiedoel van 49% in 2030 ten opzichte van 1990 zich vertaalt in een CO2-reductiedoel van 65% in 2030 ten opzichte van 2016?

3. Stelt u dat alle gesprekspartners aan de klimaattafel 'Haven en industrie' snappen dat zij delibereren over maatregelen die bijdragen aan het behalen van de Rotterdamse doelstelling ten aanzien van terugdringing van de CO2-uitstoot, hetgeen betekent dat zij in vergelijking met de landelijke doelstelling voor vijftien procentpunt meer aan maatregelen moeten nemen om de Rotterdamse doelstelling te behalen?

4. Stelt u dat het Havenbedrijf Rotterdam begrijpt dat u verwacht dat zij meewerkt aan terugdringing van de Rotterdamse CO2-uitstoot van 65% in 2030 ten opzichte van 2016? Indien ja, waaruit blijkt dat? Indien ja, welke Rotterdamse maatregelen gaat het Havenbedrijf Rotterdam nemen aanvullend op landelijke maatregelen om het gat van vijftien procentpunt tussen de Rotterdamse doelstelling en de landelijke doelstelling te dichten?

5. Snapt u dat u uw eigen CO2-reductiedoel niet haalt als het Havenbedrijf Rotterdam geen sjoege geeft?

1 https://rotterdam.raadsinformatie.nl/document/7351157/1/19bb11853

2 https://www.portofrotterdam.com/sites/default/files/haven-van-rotterdam-co2-neutraal.pdf

3 https://www.rotterdam.nl/nieuws/begroting2019/Collegetargets_Met-nieuwe-energie-bouwen-aan-de-stad-van-morgen.pdf

4 https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2018/37/co2-uitstoot-in-2017-gelijk-aan-die-in-1990

Antwoorddatum: 17 sep. 2019

1. Hoe kan het volgens u dat het Havenbedrijf Rotterdam nog altijd niet doordrongen is van het feit dat de Rotterdamse doelstelling ten aanzien van terugdringing van de CO2-uitstoot meer zwaarwegend is dan de landelijke doelstelling, namelijk een verschil van vijftien procentpunt in het doel de CO2-uitstoot in 2030 terug te dringen ten opzichte van 2016, als meest recente vertaling van de cijfers uit 1990?

"Er zit geen verschil tussen de Rotterdamse en de landelijke doelstellingen t.a.v. de C02-uitstoot. De landelijke reductiedoelstelling voor 2030 van 490Zo ten opzichte van 1990, laat zich voor Rotterdam wegens een toename van de C02-uitstoot tussen 1990 en 2016 vertalen in een reductiedoelstelling voor 2030 van 650Zo ten opzichte van 2016."

2. Stelt u nog altijd dat er geen licht zit tussen de ambities van de gemeente Rotterdam en het Havenbedrijf Rotterdam over vergroening van het havenindustrieel complex? Indien ja, waarom? Indien ja, bent u in dat kader bereid in de aankomende Havenvisie voor 2030 expliciet te benadrukken dat het CO2-reductiedoel van 49% in 2030 ten opzichte van 1990 zich vertaalt in een CO2-reductiedoel van 65% in 2030 ten opzichte van 2016?

"Als eerder aangegeven zit er geen licht tussen de ambities van de gemeente Rotterdam en het Havenbedrijf Rotterdam. Het opnemen van de doelstelling om 6507) reductie van de C02-uitstoot ten opzichte van 2016 te realiseren, resulteert in hetzelfde absolute reductiedoel. Zowel het te sluiten Rotterdams Klimaatakkoord als de Havenvisie handelt in lijn met dat doel."

3. Stelt u dat alle gesprekspartners aan de klimaattafel 'Haven en industrie' snappen dat zij delibereren over maatregelen die bijdragen aan het behalen van de Rotterdamse doelstelling ten aanzien van terugdringing van de CO2-uitstoot, hetgeen betekent dat zij in vergelijking met de landelijke doelstelling voor vijftien procentpunt meer aan maatregelen moeten nemen om de Rotterdamse doelstelling te behalen?

"De gesprekspartners snappen dat zij bijdragen aan het behalen van de Rotterdamse en dus aan de landelijke doelstelling ten aanzien van de terugdringing van de C02-uitstoot. Daar zit geen verschil tussen. De vijftien procentpunt verschil heeft zoals gesteld te maken met het ijkjaar."

4. Stelt u dat het Havenbedrijf Rotterdam begrijpt dat u verwacht dat zij meewerkt aan terugdringing van de Rotterdamse CO2-uitstoot van 65% in 2030 ten opzichte van 2016? Indien ja, waaruit blijkt dat? Indien ja, welke Rotterdamse maatregelen gaat het Havenbedrijf Rotterdam nemen aanvullend op landelijke maatregelen om het gat van vijftien procentpunt tussen de Rotterdamse doelstelling en de landelijke doelstelling te dichten?

"Ja, dat blijkt onder andere uit het feit dat de ambitie om 49% C02-uitstoot reductie ten opzichte van 2030 te realiseren in de (concept) Havenvisie genoemd staat. Het pakket aan maatregelen dat hiervoor benodigd is, staat op hoofdlijnen benoemd in het rapport ‘In drie stappen naar een duurzaam industriecluster Rotterdam-Moerdijk in 2050’ en wordt verder uitgewerkt in het Rotterdams Klimaatakkoord."

5. Snapt u dat u uw eigen CO2-reductiedoel niet haalt als het Havenbedrijf Rotterdam geen sjoege geeft?

"Ja."