Raads­vragen: Fossiele reclame is aanstoot­gevend


Indiendatum: 7 dec. 2020

Geacht college,

Momenteel loopt er een burgerinitiatief[1] om ‘fossiele’ reclame te verbieden. Het doel van de initiatiefnemers is om de Rijksoverheid ertoe te bewegen een verbod af te kondigen voor reclame van fossiele producten, dus reclame die ervoor is bedoeld zoveel mogelijk brandstoffen en aanverwante producten af te zetten. Vergelijkbare reclame als het aanprijzen van verre vliegvakanties of van voertuigen met conventionele verbrandingsmotor moet ook in de ban, omdat het leidt tot een buitensporig en ongeoorloofd verbruik van energie die bijdraagt aan de opwarming van de aarde. En zoals we allemaal weten, is het één voor twaalf voor de planeet. Klimaatverandering moet stoppen.

De gemeenteraadsfractie van de Partij voor de Dieren in Rotterdam is het eens met het idee om fossiele reclame te verbieden. Laten we daarom als stad het goede voorbeeld geven en niet wachten tot een landelijk verbod van kracht wordt.

Het reclamebeleid van de gemeente Rotterdam ziet momenteel niet toe op regulering van de inhoud van reclame-uitingen. In het hoofdstuk[2] over reclame in de gewijzigde Koepelnota Welstand uit 2007 wordt vooral ingezet op regulering van reclame-uitingen in het kader van welstand, bijvoorbeeld middels zonering en het stellen van esthetische randvoorwaarden. In voornoemd hoofdstuk wordt wel het volgende gesteld:

“Reclame-uitingen mogen niet in strijd zijn met goede zeden en/of aanstoot geven.”

1. Hoe wordt door u invulling gegeven aan de bepaling in het hoofdstuk over reclame in de gewijzigde Koepelnota Welstand uit 2007 dat reclame niet in strijd mag zijn met goede zeden en/of aanstoot geven? Heeft u bijvoorbeeld met deze bepaling in de hand bepaalde reclame-uitingen geweerd?

2. Hoe bepaalt u dat een bepaalde reclame-uiting in strijd is met goede zeden en/of aanstoot geeft? En maakt u hiervoor gebruik van inzichten die zich verhouden tot welstand of tot ethische overwegingen van wat passend is in de huidige samenleving?

3. Welke procedure wordt gevolgd als u tot de conclusie komt dat een reclame-uiting in strijd is met goede zeden en/of aanstootgevend is? Sommeert u bijvoorbeeld de adverteerder om de reclame-uiting per ommegaande te verwijderen, gekoppeld aan een dwangsom?

Wij vinden fossiele reclame aanstootgevend. Reclame-uitingen van bedrijven die brandstoffen verkopen of verre vliegreizen aanbieden zijn aanstootgevend als je bedenkt wat voor negatieve effecten deze teweeg kunnen brengen. Reclame is er namelijk voor bedoeld kooplust aan te wakkeren. Fossiele reclame is ook nog eens misleidend. Het zet consumenten aan tot het maken van keuzes die diametraal ingaan tegen hun eigenbelang. Iedereen wil een planeet die leefbaar blijft, nu en in de toekomst.

4. Bent u het met ons eens dat fossiele reclame aanstootgevend is? Indien nee, waarom niet? Indien ja, wanneer begint u met het verbieden van fossiele reclame in Rotterdam?

5. Welke andere juridische mogelijkheden ziet u om als gemeente Rotterdam fossiele reclame te verbieden, dus buiten de bepaling uit het hoofdstuk over reclame in de gewijzigde Koepelnota Welstand om?

In de gemeenteraad van Amsterdam wordt op 16 of 17 december aanstaande tijdens de behandeling van de begroting voor 2021 van de gemeente Amsterdam hoogstwaarschijnlijk de motie ‘Amsterdam vrij van fossiele reclame’[3] in stemming gebracht. Deze motie verzoekt het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam om:

  • “Te onderzoeken hoe reclame en marketingevenementen voor fossiele producten kunnen worden teruggedrongen in de publieke ruimte en van websites en instituties die door de gemeente worden (mede)gefinancierd;
  • Daarbij op korte termijn voorrang te geven aan het uitfaseren van reclame voor bedrijven die primair werken in de kolensector en de oliesector en reclame voor vliegvakanties;
  • Als onderdeel daarvan het gesprek aan te gaan met JC Decaux om te bezien of in ieder geval na het verlopen van de huidige contracten reclame voor fossiele producten kan worden verboden, en liefst eerder.”

Hierbij geldt dat met ‘JC Decaux’ de exploitant van infrastructuur in de openbare ruimte wordt bedoeld die reclame-uitingen mogelijk maakt, zoals reclamezuilen.

6. Bent u bereid kennis te nemen van de beraadslaging over deze motie, alsmede eventuele afdoening door uw Amsterdamse evenknie indien deze motie wordt aangenomen, met als doel inzicht te verkrijgen in de wijze waarop lokale overheden fossiele reclame kunnen verbieden? Indien nee, waarom niet? Indien ja, bent u bereid de Raad op de hoogte te houden van vorderingen die in de gemeente Amsterdam worden gemaakt om fossiele reclame uit te bannen middels lokaal beleid?

7. Onderhoudt de gemeente Rotterdam net als de gemeente Amsterdam contracten met aanbieders van infrastructuur voor reclame-uitingen, zoals reclamezuilen? Indien ja, welke mogelijkheden ziet u om bij herijking van deze contracten of het aangaan van nieuwe contracten afspraken te maken over een verbod op reclame met een behaalde inhoud, zoals fossiele reclame?

Wij zien uw beantwoording met belangstelling tegemoet.

[1] https://verbiedfossielereclame.nl/

[2] https://archief12.archiefweb.eu/archives/archiefweb/20190516160732/http://www.rotterdam.nl/wonen-leven/welstandsnota/HoofdstukReclameKoepnota.pdf

[3] https://amsterdam.raadsinformatie.nl/document/9444010/1/Ingediende_moties_commissies_19_november (zie blz.16)

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer