Rijks­wa­ter­staat: blijf van onze bomen af!


14 januari 2016

Momenteel is Rijkswaterstaat druk bezig met het kappen van bomen langs de A20 en de A16, de snelwegen in het noorden en oosten van Rotterdam. Naar alle waarschijnlijkheid worden ruim tweehonderd populieren door de rijksdienst gekapt. Een slechte zaak, want bomen zijn belangrijk voor de groenvoorziening, het tegengaan van geluidsoverlast, het vasthouden van regenwater in de grond, het opslaan van koolstofdioxide en het afvangen van fijnstof. Een keur aan belangrijke voorzieningen, aldus.

De Partij voor de Dieren heeft vorige week schriftelijke vragen gesteld aan het college van burgemeester en wethouders omdat er flinke onduidelijkheid bestaat over de kapvergunning. Die kunnen wij namelijk nergens vinden. Ook de aanvraag van de vergunning door Rijkswaterstaat is vooralsnog spoorloos. Er bestaat onduidelijkheid over de relevante wet- en regelgeving die de bomenkap mogelijk maakt. Voor ons is het heel belangrijk helder te krijgen wat de noodzaak is voor het kappen van de bomen. Waren de bomen ziek of vormden ze een bedreiging voor de verkeersveiligheid? Ligt er een andere reden aan ten grondslag?

Rijkswaterstaat is onderdeel van het ministerie van Infrastructuur & Milieu en heeft daarom een voorbeeldfunctie als het aankomt op de wettelijke grondslag voor bomenkap. Dit betekent volgens ons dat Rijkswaterstaat altijd de regels moet volgen. Dit mag je van de overheid verwachten. Maar regels of geen regels, van bomen blijf je af als het duidelijk is hoe het kappen van bomen leidt tot een betere buitenruimte.

Soms is het kappen van bomen onvermijdelijk, bijvoorbeeld als er een boom is omgewaaid en op de openbare weg is beland. Maar in bijna alle andere gevallen vormen bomen geen enkele bedreiging voor de veiligheid of openbare orde. De Partij voor de Dieren waakt ervoor dat we voorzichtig met de Rotterdamse bomen omspringen, net als met al het andere groen in de stad.