Vragen: Stand van zaken openbaar groen


Indiendatum: okt. 2017

Geacht college,

Het college is naar eigen zeggen een groen college. De fractie van de Partij voor de Dieren wil dit graag gestaafd zien met bewijs. Daarom hebben wij voor het college de volgende vragen:

1. Is het college bereid aan te geven hoeveel vierkante meter aan bestemming 'Groen' er tijdens deze collegeperiode is toegevoegd of verminderd in de bestemmingsplannen waarover besluitvorming heeft plaatsgevonden? Indien nee, waarom niet? Indien ja, wat is de mutatie aan daadwerkelijke vierkante meters groen?

2. Is het college bereid aan te geven hoeveel vierkante meter aan openbaar groen er tijdens deze collegeperiode is toegevoegd of verminderd door de bestaande bestemming van een gebied als aangegeven in het bestemmingsplan (besloten in een voorgaande collegeperiode) te benutten? Indien nee, waarom niet?

3. Is het college bereid aan te geven hoeveel vierkante meter openbaar groen er tijdens deze collegeperiode is verminderd door toedoen van de VVGB-procedure (dus: ruimtelijke ontwikkeling afwijkend van het bestemmingsplan)? Indien nee, waarom niet?

4. Is het college bereid aan te geven hoeveel vierkante meter openbaar groen er tijdens deze collegeperiode is toegevoegd of verminderd in gebieden waarop thans geen bestemming rust? Indien nee, waarom niet?

5. Is het college bereid aan te geven hoeveel vierkante meter tijdelijk groen in deze collegeperiode is toegevoegd of verminderd als gevolg van bebouwing? Indien nee, waarom niet?

6. Is het college bereid aan te geven of er tijdens deze collegeperiode in andere ruimtelijkordeningsprocessen openbaar groen is toegevoegd of verminderd? Indien nee, waarom niet?

7. Wat is volgens het college de totale daadwerkelijke grootte in vierkante meters openbaar groen dat tijdens deze collegeperiode is toegevoegd of verminderd?

De Beheeraanpak openbaar groen van het college plaatst het openbaar groen in drie categorieën: exclusief groen, cultuurlijk groen en natuurlijk groen. Doorgaans heeft exclusief groen weinig ecologische waarde (denk aan geraniumpiramides) terwijl natuurlijk groen veel ecologische waarde heeft (denk aan een park). Cultuurlijk groen zit er tussenin.

8. Is het college bereid aan te geven in welke mate in elk van de drie voornoemde categorieën tijdens deze collegeperiode het openbaar groen is uitgebreid of verminderd? Indien nee, waarom niet?

Rotterdam heeft aardig wat bomen, maar niet iedere Rotterdammer ziet ze. Het is belangrijk na te gaan hoeveel bomen er zijn geplant/geplaatst of gekapt/verplaatst en waar dit plaatsvond.

9. Is het college bereid aan te geven hoeveel bomen er tijdens deze collegeperiode in elk van de veertien gebieden geplant/geplaatst of gekapt/verplaatst zijn? Indien nee, waarom niet?

Indiendatum: okt. 2017
Antwoorddatum: 23 jan. 2018

Vraag 1:
Is het college bereid aan te geven hoeveel vierkante meter aan bestemming ‘Groen’ er tijdens deze collegeperiode is toegevoegd of verminderd in de bestemmingsplannen waarover besluitvorming heeft plaatsgevonden? Indien nee, waarom niet? Indien ja, wat is de mutatie aan daadwerkelijke vierkante meters groen?

Antwoord:
De vierkante meters bestemming groen in bestemmingsplannen worden niet bijgehouden. Als we de bestemming’ als graadmeter willen hanteren, dan moeten andere bestemmingen ook meegewogen worden. Bestemmingen zoals ‘bos’, ‘natuur’, ‘strand’, 'agrarisch’ of ‘verblijfsgebied’ kennen immers ook een groene component. Beter is te spreken van de ‘functie’ groen.
Het is goed om te weten dat bestemmingsplannen volgens een nieuwe werkwijze tot stand komen. De bestemming ‘groen’ wordt vooral gebruikt voor structureel groene locaties. Er wordt kritisch gekeken naar de bestemming ‘grijs’ van verkeers- en verblijfsplekken. Deze plekken kunnen gewijzigd worden naar bestemming ‘groen’ als daarmee meer recht gedaan wordt aan de daadwerkelijke situatie ter plekke.

Vraag 2:
Is het college bereid aan te geven hoeveel vierkante meter aan openbaar groen er tijdens deze collegeperiode is toegevoegd of verminderd door de bestaande bestemming van een gebied als aangegeven in het bestemmingsplan (besloten in een voorgaande collegeperiode) te benutten? Indien nee, waarom niet?

Antwoord:
Nee. Zie antwoord onder 1.

Vraag 3:
Is het college bereid aan te geven hoeveel vierkante meter openbaar groen er tijdens deze collegeperiode is verminderd door toedoen van de WGB-procedure (dus: ruimtelijke ontwikkeling afwijkend van het bestemmingsplan)? Indien nee, waarom niet?

Antwoord:
Nee. Zie antwoord onder 1.

Vraag 4:
Is het college bereid aan te geven hoeveel vierkante meter openbaar groen er tijdens deze collegeperiode is toegevoegd of verminderd in gebieden waarop thans geen bestemming rust? Indien nee, waarom niet?

Antwoord:
Nee. Bij ‘geen bestemming’ is geen registratie van gebruik. Als met ‘geen bestemming’ bedoeld wordt 'braakliggend terrein’, dan betreft het hier veelal bouwterreinen ofte ontwikkelen gronden die in afwachting van de ontwikkeling braak liggen, ruig zijn en een groene functie kunnen hebben zonder daarvoor bestemd te zijn.

Vraag 5:
Is het college bereid aan te geven hoeveel vierkante meter tijdelijk groen in deze collegeperiode is toegevoegd of verminderd als gevolg van bebouwing? Indien nee, waarom niet?

Antwoord:
Nee. Hier is geen registratie van. De vraag lijkt te gaan over het verdwijnen van de tijdelijke, vaak groene inrichting van ontwikkellocaties. In de crisisjaren heeft het tijdelijk gebruik langer geduurd en hebben we langer een ‘groen’ profijt gehad van de ontwikkellocatie.

Vraag 6:
Is het college bereid aan te geven of er tijdens deze collegeperiode in andere ruimtelijke ordeningsprocessen openbaar groen is toegevoegd of verminderd? Indien nee, waarom niet?

Antwoord:
Nee. Hier is geen registratie van.
Als inleiding op vraag 7 stelt het college dat het beter is om het beheersysteem te nemen als meetmethode voor toename of afname van openbaar groen dan het bestemmingsplan. In het beheersysteem staan de vierkante meters areaal in beheer bij
de gemeente geregistreerd.

Vraag 7:
Wat is volgens het college de totale daadwerkelijke grootte in vierkante meters openbaar groen dat tijdens deze collegeperiode is toegevoegd of verminderd?

Antwoord:
Er is in Rotterdam in deze periode 1.200.000 m2 (120 ha) openbaar groen toegevoegd c.q. vermeerderd. In het beheersysteem worden de te beheren m2 areaal gemeentelijk openbaar groen geregistreerd. In deze toename is onder andere de overdracht van gemeenschappelijke tuinen en de vergroeningsopgave verwerkt. Ook zijn de uitleggebieden Nesselande en Park16Hoven meegeteld.

Vraag 8:
Is het college bereid aan te geven in welke mate in elk van de drie voornoemde categorieën tijdens deze collegeperiode het openbaar groen is uitgebreid of verminderd? Indien nee, waarom niet?

Antwoord:
De specifieke toe- of afname in deze categorieën wordt niet apart geregistreerd. In 2016 is de Beheeraanpak openbaar groen bestuurlijk vastgesteld met als doel meer eenduidigheid in de beheerbeelden te creëren, namelijk een cultuurlijk, natuurlijk en exclusief beheerbeeld. Dit betekent een meer natuurlijk beheerbeeid in de wijken aan de rand van de stad, een cultuurlijk beheerbeeld met gevarieerd groen in de stadswijken en groen met een exclusieve uitstraling bij imagobepalende plekken zoals het centrum. De beheeraanpak heeft niet tot doel het groen uit te breiden of te verminderen en de toe- of afname wordt niet apart geregistreerd per categorie.

Vraag 9:
Is het college bereid aan te geven hoeveel bomen er tijdens deze collegeperiode in elk van de veertien gebieden geplant/geplaatst of gekapt/verplaatst zijn? Indien nee, waarom niet?

Antwoord:
Ja. In het voorjaar wordt de bomenbalans (saldering van bomenkap, herplant, uitgifte en overige mutaties, wijziging beheerverantwoordelijkheid met betrekking tot openbaar groen) over het voorgaande jaar gerapporteerd en aangeboden aan de gemeenteraad.
In de tabel wordt gespecificeerd naar gebiedsniveau.

Vanaf 2014 is in Rotterdam het aantal bomen in openbaar gebied toegenomen met 7.668. In het voorjaar van 2018 is de bomenbalans over het jaar 2017 beschikbaar.

Aantal bomen ín openbaar
gebied, per gebied en op
bedrijventerreinen
aantal
bomen
1/1/2014
aantal
bomen
1/1/2015
aantal
bomen
1/1/2016
aantal
bomen
1/1/2017
Toe/afname
2014-2017
Stadscentrum 8.437 8.824 8.725 8.608 171
Delfshaven 9.875 10.097 10.402 10.350 475
Overschie 7.185 7.553 7.477 8.566 1381
Noord 8.223 8.275 8.525 8.405 182
Hillegersberg/Schiebroek 11.583 11.508 11.626 12.491 908
Kralingen/Crooswijk 12.458 12.591 12.961 12.812 354
Feijenoord 11.414 11.558 11.972 12.037 623
IJsselmonde 14.179 14.332 14.493 15.093 914
Pernis 1.667 1.688 1.741 1.666 -1
Prins Alexander 29.318 29.408 29.850 30.273 955
Charlois 15.459 15.630 15.704 16.316 857

Hoogvliet

11.372 11.537 11.652 11.959 587
Hoek van Holland 3.575 3.722 3.629 3.726 151
Rozenburg 6.631 6.455 6.502 6.482 -149
Totaal bomen gebieden 151.376 153.178 155.259 158.784 7408
Spaansepolder 886 982 995 989 103
Nieuw Mathenesse 16 15 15 15 -1
Eem-Waalhaven 0 0 0 0 0
Botlek/Europoort/Maasvlakte 41 41 41 43 2
Bedrijvenpark NW 1.285 1.411 1 470 1.441 156
Rivium 95 95 95 95 0
Totaal bomen
bedrijventerreinen
2.323 2.544 2.616 2.583 260
Totaal bomen in openbaar
groen in Rotterdam
153.699 155.722 157.875 161.367 7668


Bron Bomenbalans gecorrigeerde tabel uit de Bomenbalans 2016.

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer