Vragen: Alle wilde dieren de tent uit


Indiendatum: okt. 2017

Het Kerstcircus Ahoy slaat ook dit jaar weer haar tenten op in de stad. In een artikel in het AD Rotterdams Dagblad van 30 oktober jongstleden wordt aangekondigd dat ten minste één programmaonderdeel zal bestaan uit een show met maar liefst zes kamelen, drie buffels en vijf lama's. In onze ogen zijn dat wilde dieren, niets meer en niets minder.

1. Beschouwt het college kamelen, buffels en lama's als wilde dieren? Indien nee, waarom niet?

Sinds september 2015 geldt er een wettelijk verbod op het gebruik van wilde dieren in circussen (1). Enkele dieren dan wel diergroepen zijn hiervan uitgezonderd, zoals bijvoorbeeld runderen. Buffels zijn én wilde dieren én runderen. De wetgever specificeert niet nader of het gebruik van alle runderen thans is toegestaan in circussen.

2. Vindt het college dat het gebruik van kamelen, buffels en lama's recht doet aan de intentie van de wetgever om wilde dieren uit circussen te weren? Indien ja, waarom? Indien nee, voelt het college zich geroepen zich te distantiëren van circussen die deze dieren gebruiken?

3. Stelt het college dat circussen buffels mogen gebruiken als uitzondering op het verbod op wilde dieren? Indien nee, hoe gaat het college erop toezien dat de wet wordt gehandhaafd in het geval van Kerstcircus Ahoy?

4. Weet het college of het de intentie van de wetgever is geweest om het gebruik van buffels in circussen mogelijk te maken door runderen niet aan te merken als wilde dieren? Met andere woorden, staat 'rund' in dezen niet slechts voor koe of stier?

Aan het begin van de huidige raadsperiode hebben wij aandacht gevraagd voor het gebruik van wilde dieren in circussen, nog voordat het wettelijk verbod van kracht werd. In de beantwoording van vragen (zie brief met kenmerk 14bb2556) wordt duidelijk dat het college mordicus tegen het gebruik van wilde dieren is. Wij kunnen alleen maar aannemen dat het college ook tegen het gebruik van voornoemde dieren is, aangezien een circus het natuurlijk gedrag van deze dieren in ernstige mate beperkt.

Als de wetgever tekort schiet, dan is er nog altijd de algemene plaatselijke verordening (APV). In de APV kan worden geregeld dat circussen aan bepaalde stringente duurzaamheidseisen moeten voldoen alvorens ze een vergunning krijgen. De duurzaamheidseisen kunnen zo worden vormgegeven dat het gebruik van dieren (diergroepen) als kamelen, buffels en lama's niet meer mogelijk is. De APV kan ook zo worden aangepast dat de exploitatie van een circus binnen onze gemeentegrenzen vergunningvrij wordt, waarop de gemeente vervolgens het gebruik van gemeentegrond veilt. Aangezien de gemeente bepaalt aan wie de gemeentegrond in zo'n geval wordt gegund, wordt een circus met voornoemde wilde dieren buitenspel gezet.

5. Is het college bereid de APV aan te wenden als civielrechtelijk instrument om circussen die gebruik maken van voornoemde wilde dieren te weren uit onze stad? Indien nee, waarom niet?

Het college kan tevens sleutelen aan de vergunningen die van toepassing zijn op circussen, zoals een evenementenvergunning, een gebruiksvergunning en een bouwvergunning (voor een tijdelijk bouwwerk zoals een circustent). De bepalingen voor het aanvragen van een vergunning kunnen zo worden ingericht dat circussen met wilde dieren zoals kamelen, buffels en lama's niet meer in aanmerking komen voor vergunningverlening. Het college kan bijvoorbeeld eisen van de vergunningaanvrager dat zij nader gespecificeerde dieren niet gebruikt in haar commerciële activiteiten, of überhaupt aanwezig laat zijn op gemeentegrond die voor dergelijke activiteiten wordt benut.

6. Is het college bereid te sleutelen aan de van toepassing zijnde vergunningen om het voor circussen met voornoemde wilde dieren in gebruik onmogelijk te maken met succes een vergunning aan te vragen? Indien nee, waarom niet?

Wij zien uw beantwoording met belangstelling tegemoet.

(1) https://www.rvo.nl/onderwerpen/agrarisch-ondernemen/dieren-houden/dierenwelzijn/circusdieren

Indiendatum: okt. 2017
Antwoorddatum: 13 dec. 2017

Vraag 1:
Beschouwt het college kamelen, buffels en lama's als wilde dieren? Indien nee, waarom niet?

Antwoord:
Nee, wij volgen hierin het besluit uit 20151 van de landelijke overheid om de lama en kameel niet als wild dier aan te merken. In het Besluit houders van dieren is een artikel opgenomen over het verbod op het gebruik van wilde dieren in het circus. In een bijlage worden de dieren genoemd die van dit verbod uitgezonderd zijn. Kamelen, lama’s en buffels kunnen gezien de lange geschiedenis (ca. 5000 jaar) als last- en productiedier beschouwd worden als gedomesticeerde dieren, hoewel er nog enige onduidelijkheid bestaat over de status van de buffel in relatie tot het verbod op gebruik van wilde dieren in circussen (zie ook antwoord op vraag 3).

Vraag 2:
Vindt het college dat het gebruik van kamelen, buffels en lama's recht doet aan de intentie van de wetgever om wilde dieren uit circussen te weren? Indien ja, waarom? Indien nee, voelt het college zich geroepen zich te distantiëren van circussen die deze dieren gebruiken?

Antwoord:
Nee, de wetgever heeft in bijlage 4 van het Besluit houders van dieren een lijst met dieren opgenomen waarvan deelname aan evenementen (waaronder circussen) wél is toegestaan. Daaruit blijkt niet de intentie van de wetgever om álle zoogdieren uit het circus te weren. Het college is van mening dat een evenement geen ongeschikte omgeving hoeft te zijn voor kamelen en lama’s, indien de regelgeving uit het Besluit
houders van dieren in acht genomen wordt. Dat neemt niet weg dat het onze voorkeur heeft om deze dieren (of andere dieren) niet in te zetten bij evenementen.

Vraag 3:
Stelt het college dat circussen buffels mogen gebruiken als uitzondering op het verbod op wilde dieren? Indien nee, hoe gaat het college erop toezien dat de wet wordt gehandhaafd in het geval van Kerstcircus Ahoy?

Antwoord:
Het rund en ondersoorten van het rund zijn in beginsel uitgezonderd van het verbod op gebruik tijdens evenementen en circussen. De Buffel (Bubalis Bubalis) is geen ondersoort van het rund (het dier behoort tot een ander geslacht) en is volgens ons college daarom niet uitgezonderd op het verbod op circusdieren. Wij zullen de organisator hierover informeren en het bevoegd gezag, de NVWA, op de hoogte stellen.

Vraag 4:
Weet het college of het de intentie van de wetgever is geweest om het gebruik van buffels in circussen mogelijk te maken door runderen niet aan te merken als wilde dieren? Met andere woorden, staat 'rund' in dezen niet slechts voor koe of stier?

Antwoord:
Wij hebben de indruk dat het niet de intentie was van de wetgever om het gebruik van buffels in circussen mogelijk te maken. De wetgever beraadt zich momenteel op deze kwestie.

Vraag 5:
Is het college bereid de APV aan te wenden als civielrechtelijk instrument om circussen die gebruik maken van voornoemde wilde dieren te weren uit onze stad? Indien nee, waarom niet?

Antwoord:
Circussen die in Rotterdam in de openbare ruimte willen, staan dienen te beschikken over een evenementenvergunning op grond van de APV. Ingevolge artikel 2:25, eerste lid, van de APV is het namelijk verboden om een evenement te organiseren zonder vergunning van de burgemeester.

Ten aanzien van een evenementenvergunning zijn er in artikel 2:25, lid 4 van de APV specifieke weigeringsgronden opgenomen. Deze hebben betrekking op (kort samengevat) openbare orde, verkeersveiligheid, gedrag organisator en het borgen van de zedelijkheid of gezondheid van de bezoekers.

De gemeente heeft geen publiekrechtelijke bevoegdheid om evenementen op grond van dierenwelzijn te weigeren. Een bevoegdheid die de gemeentelijke regelgever niet toekomt binnen het publiekrecht, kan niet alsnog civielrechtelijk worden aangewend.

Met betrekking tot het vergunningvrij maken van de exploitatie van een circus en het vervolgens veilen van het gebruik van de gemeentegrond: in de veilingsvoorwaarden kan geen verbod worden opgenomen ten aanzien van circussen met (wilde) dieren noch kan een voorkeur voor circussen zonder wilde dieren worden geformuleerd, omdat dan civielrechtelijk alsnog gebruik wordt gemaakt van een publiekrechtelijke bevoegdheid die de gemeentelijke regelgever niet toekomt.

Vraag 6:
Is het college bereid te sleutelen aan de van toepassing zijnde vergunningen om het voor circussen met voornoemde wilde dieren in gebruik onmogelijk te maken met succes een vergunning aan te vragen? Indien nee, waarom niet?

Antwoord:
Nee, wij volgen hierin het besluit van de landelijke overheid om de betreffende dieren niet als wild dier aan te merken. De landelijke wetgever heeft bewust soorten aangewezen waarmee deelname aan en vervoer ten behoeve van een circus of een ander optreden is toegestaan. In dat geval is er geen ruimte voor de lokale regelgever om zo’n verbod wel op te leggen. Wel zullen wij deze activiteit onder de aandacht brengen van de politie, taakaccent dieren, en de NVWA zodat zij kunnen toezien op naleving van de regelgeving uit het Besluit houders van dieren.

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer