SV: Popu­la­tie­beheer grote grazers


Indiendatum: mrt. 2016

Grote grazers zijn zoogdieren zoals schotse hooglanders, lakenvelders, wisenten of konikpaarden die in het wild voorkomen maar in Nederland worden gehouden in natuurgebieden en bijdragen aan ecologisch beheer, bijvoorbeeld door de grond te bemesten en verruiging tegen te gaan. Ze leven in kuddes. In Rotterdam zijn er volgens de gemeente (1) meerdere plekken waar grote grazers worden gehouden, onder meer in het Schiebroekse Park, Oudelandse Park en Botlekpark, het Ruigeplaatbos, rondom de Eemhaven en op het Eiland van Brienenoord.

1. Is het college bereid een uitputtend overzicht te doen toekomen van alle plekken binnen de gemeentegrenzen waar grote grazers worden gehouden, tevens uitgesplitst naar de soorten en aantallen op deze plekken? Indien nee, waarom niet?

2. Denkt het college nog aan nieuwe plekken binnen de gemeentegrenzen waar grote grazers zouden kunnen worden gehouden? Indien ja, welke plekken zijn dit?

Recent stond het populatiebeheer van grote grazers op de Landtong Rozenburg in de schijnwerpers. De beheerder van een kudde konikpaarden was van mening dat de kudde te groot werd, dat kans op overbegrazing op de loer lag en dat verstoring van het natuurlijk gedrag van de paarden een reëel gevaar was. Als oplossing werd voorgesteld twee konikpaarden met een afwijkende kleur uit de kudde te halen en deze te slachten. Dit bracht de nodige onrust teweeg, niet alleen bij liefhebbers van konikpaarden maar ook bij de Rozenburgers en bezoekers van de Landtong.

De gemeenteraadsfractie van de Partij voor de Dieren in Rotterdam wil graag meer weten over het populatiebeheer van grote grazers binnen de gemeentegrenzen. De casus van de konikpaarden op de Landtong laat zien dat er door beheerders overwegingen worden gemaakt met betrekking tot de instandhouding van een populatie die niet voor iedereen even makkelijk te verteren valt. Veel mensen zijn emotioneel betrokken bij het wel en wee van grote grazers. Het is wat ons betreft zaak om duidelijk te maken hoe de gemeente invulling geeft aan populatiebeheer van grote grazers.

3. Hoe geeft het college invulling aan het idee van populatiebeheer van grote grazers in de Rotterdamse natuurgebieden?

Het is evenzeer van belang na te gaan hoe de gemeente zich verhoudt tot beheerders van de kuddes, alsmede beheerders van de natuurgebieden waarin grote grazers voorkomen. Uit de casus van de konikpaarden op de Landtong Rozenburg bleek dat beheerders van grote grazers soms fungeren als 'onderaannemers'. Op de Langtong worden de grote grazers bijvoorbeeld beheerd door stichting FREE Nature terwijl het recreatieschap Voorne-Putten-Rozenburg op haar beurt de Landtong beheert.

4. Welke organisaties en recreatieschappen beheren natuurgebieden met daarin kuddes grote grazers?

5. Welke beheerders van kuddes grote grazers zijn actief in Rotterdam?

6. Worden samenwerkingsverbanden tussen beheerders van natuurgebieden en beheerders van kuddes grote grazers gesloten met tussenkomst van de gemeente? Indien ja, op welke wijze begeleidt de gemeente deze samenwerkingsverbanden?

7. Geeft het college toestemming aan deze samenwerkingsverbanden om in bepaalde natuurgebieden grote grazers in te zetten voor ecologisch beheer? Indien nee, hoe wordt vastgesteld dat een natuurgebied zich leent voor kuddes grote grazers?

8. Heeft de gemeente Rotterdam een beslissende stem in het maken van plannen omtrent populatiebeheer van kuddes die binnen de gemeentegrenzen worden gehouden?

9. Stelt het college dat er te allen tijde een gedeelde opvatting bestaat tussen verschillende beheerorganisaties en de gemeente over bestendig populatiebeheer van grote grazers? Indien nee, welke verschillen in inzicht zouden kunnen optreden of hebben dat in het verleden gedaan?

10. Hoe worden eventuele verschillen in inzicht tussen belanghebbenden in het geval van populatiebeheer beslecht?

In de casus van de konikpaarden op de Landtong werd duidelijk dat natuurgebieden in Rotterdam maar een beperkte draagkracht hebben. De beheerder van de kudde betoogde dat de Landtong te klein bleek voor het aantal konikpaarden dat zich op een gegeven moment in het gebied bevond. Het lijkt er dus op dat de beheerder zich bedient van wetenschappelijke inzichten om te kunnen stellen dat de draagkracht van een bepaald natuurgebied met grote grazers dreigt te worden overschreden.

11. Hoe wordt volgens het college door beheerders van kuddes grote grazers vastgesteld dat een kudde te groot is voor het gebied waarin het zich bevindt?

Als vervolgens wordt vastgesteld dat een kudde te groot is (geworden), neemt een beheerder maatregelen. Een van de maatregelen is om het natuurgebied te vergroten, maar vaak is dat ruimtelijk niet mogelijk. Een logische andere maatregel is om de kudde te verkleinen. Eventueel kan het aantal geboorten in de kudde worden beperkt, zodat door natuurlijk verloop de kudde weer inkrimpt. Een maatregel op de korte termijn is evenwel het verwijderen van grote grazers uit de kudde.

12. Weet het college welke criteria worden gehanteerd door beheerders om grote grazers te selecteren die vervolgens uit de kudde worden verwijderd? Indien ja, welke criteria zijn dit?


Wij zien uw beantwoording met belangstelling tegemoet.

(1) http://www.rotterdam.nl/grazersindestad

Indiendatum: mrt. 2016
Antwoorddatum: 7 apr. 2016

Op 11 maart 2016 stelde J.D. van der Lee (Partij voor de Dieren) ons schríftelijke vragen over populatiebeheer door grote grazers

Inleidend wordt gesteld:

Grote grazers zijn zoogdieren zoals schotse hooglanders, lakenvelders, wisenten of konikpaarden die in het wild voorkomen maar in Nederland worden gehouden in natuurgebieden en bijdragen aan ecologisch beheer, bijvoorbeeld door de grond te bemesten en verruiging tegen te gaan. Ze leven in kuddes. In Rotterdam zijn er volgens de gemeente meerdere plekken waar grote grazers worden gehouden, onder meer in
het Schiebroekse Park, Oudelandse Park en Botlekpark, het Ruigeplaatbos, rondom de Eemhaven en op het Eiland van Brienenoord.

Hieronder volgen de vragen en onze beantwoording:

Vraag 1:
Is het college bereid een uitputtend overzicht te doen toekomen van alle plekken binnen de gemeentegrenzen waar grote grazers worden gehouden, tevens uitgesplitst naar de soorten en aantallen op deze plekken? Indien nee, waarom niet?

Antwoord:
Op de volgende locaties worden grote grazers gehouden:

Locatie Beheerder Soort Aantal
Schiebroekse Park Gemeente* Runderen 4
Oudelandse Park Gemeente* Runderen 4
Botlekpark Havenbedrijf Stichting Taurus Runderen onbekend
Ruigeplaatbos Gemeente* Runderen 5
Eemhaven Havenbedrijf Stichting Taurus Runderen onbekend
Eiland van Brienenoord Zuid Hollands landschap Runderen 4, in de zomer
Geuzenbos Stichting Taurus Paarden en runderen onbekend
Landtong Rozenburg Free Nature Konikspaarden en runderen 14 paarden en 14 runderen

* aantal dieren zonder kalveren

Daarbij wordt aangetekend dat bovenstaand overzicht wellicht niet uitputtend is aangezien er locaties kunnen zijn die niet in beheer zijn bij de gemeente, maar bij andere particuliere grondeigenaren.

Vraag 2:
Denkt het college nog aan nieuwe plekken binnen de gemeentegrenzen waar grote grazers zouden kunnen worden gehouden? Indien ja, welke plekken zijn dit?

Antwoord:
Nee, momenteel denkt het college niet aan nieuwe locaties voor begrazingsbeheer.

Voorts wordt gesteld:
Recent stond het populatiebeheer van grote grazers op de Landtong Rozenburg in de schijnwerpers. De beheerder van de kudde konikpaarden was van mening dat de kudde te groot werd, dat kans op overbegrazing op de loer lag en dat verstoring van het natuurlijk gedrag van de paarden een reëel gevaar was. Als oplossing werd voorgesteld twee konikpaarden uit de kudde te halen en deze te slachten. Dit bracht de nodige onrust teweeg, niet alleen bij de liefhebbers van konikpaarden maar ook bij de Rozenburgers en bezoekers van de Landtong.
De gemeenteraadsfractie van de Partij voor de Dieren in Rotterdam wil graag meer weten over het populatiebeheer van de grote grazers binnen de gemeentegrenzen. De casus van de konikpaarden op de Landtong laat zien dat er door beheerders overwegingen worden gemaakt met betrekking tot de instandhouding van een populatie die niet voor iedereen even makkelijk te verteren valt. Veel mensen zijn emotioneel
betrokken bij het wel en wee van de grote grazers. Het is wat ons betreft een zaak om duidelijk te maken hoe de gemeente invulling geeft aan populatiebeheer van grote grazers.

Vraag 3:
Hoe geeft het college invulling aan het idee van populatiebeheer van grote grazers in de Rotterdamse grondgebieden?

Antwoord:
Op een aantal locaties beheert de gemeente zelf populaties grote grazers. De boswachters zijn hiertoe opgeleid en werken te allen tijde binnen de wettelijke kaders. Indien een recreatieschap of andere terreinbeheerder (zoals Zuid-Hollands Landschap) opdracht geeft aan stichting Free Nature of een andere organisatie voor begrazing, heeft de gemeente Rotterdam geen directe betrokkenheid bij de dagelijkse bedrijfsvoering,
waaronder ook het populatiebeheer valt. De diverse terreinbeherende organisaties, waaronder de gemeente, ruilen of verkopen soms onderling dieren wanneer dit wenselijk en mogelijk is.

Voorts wordt gesteld:
Het is evenzeer van belang om na te gaan hoe de gemeente zich verhoudt tot beheerders van de kuddes, alsmede beheerders van de natuurgebieden waarin grote grazers voorkomen. Uit de casus van de konikpaarden op de Landtong Rozenburg bleek dat beheerders van grote grazers soms fungeren als ‘onderaannemers’. Op de Landtong worden de grote grazers bijvoorbeeld beheerd door stichting Free Nature terwijl het recreatieschap Voorne-Putten-Rozenburg op haar beurt de Landtong beheert.

Vraag 4:
Welke organisaties en recreatieschappen beheren natuurgebieden met daarin kuddes grote grazers?

Antwoord:
Binnen de grenzen van gemeente Rotterdam zijn dat de gemeente zelf en het recreatieschap Voorne-Putten-Rozenburg. Ook het recreatieschap Rottemeren schakelt grote grazers (runderen) in voor o.a. het Lage Bergse Bos, maar dit ligt grotendeels buiten de gemeentegrenzen van Rotterdam. Daarnaast zijn het Zuid-Hollandslandschap en Stichting Taurus actief.

Vraag 5:
Welke beheerders van kuddes grote grazers zijn actief in Rotterdam?

Antwoord:
Binnen de gemeentegrenzen van Rotterdam zijn het Zuid-Hollands Landschap, Stichting Taurus en stichting Free Nature actief.

Vraag 6:
Worden samenwerkingsverbanden tussen beheerders van natuurgebieden en beheerders van kuddes grote grazers gesloten met tussenkomst van de gemeente? Indien ja, op welke wijze begeleidt de gemeente deze samenwerkingsverbanden?

Antwoord:
In het geval dat een recreatieschap of het Havenbedrijf een natuur- of recreatiegebied beheert, is de gemeente Rotterdam niet direct betrokken bij het sluiten van overeenkomsten. Wanneer de gemeente zelf beheerder van een terrein is, uiteraard wel.

Vraag 7:
Geeft het college toestemming aan deze samenwerkingsverbanden om in bepaalde gebieden grote grazers in te zetten voor ecologisch beheer? Indien nee, hoe wordt vastgesteld dat een natuurgebied zich leent voor kuddes grote grazers?

Antwoord:
Nee, het college neemt geen besluiten over de bedrijfsvoering in natuur- en recreatiegebieden. Dit wordt overgelaten aan deskundigen die in eigen dienst zijn of ingehuurd worden.

Vraag 8:
Heeft de gemeente Rotterdam een beslissende stem in het maken van plannen omtrent populatiebeheer van kuddes die binnen de gemeentegrenzen worden gehouden?

Antwoord:
Wanneer het gaat om een terrein dat beheerd wordt door de gemeente Rotterdam is dit het geval. Maar waar het om terreinen van recreatieschappen of andere terreinbeheerders gaat, niet.

Vraag 9:
Stelt het college dat er te allen tijde een gedeelde opvatting bestaat tussen de verschillende beheerorganisaties en de gemeente over bestendig populatiebeheer van grote grazers? Indien nee, welke verschillen in inzicht zouden kunnen optreden of hebben dat in het verleden gedaan?

Antwoord:
Nee, er zijn tot op heden geen redenen geweest om te treden in de bedrijfsvoering van de terreinbeheerders die actief zijn binnen de gemeentegrenzen van Rotterdam.

Vraag 10:
Hoe worden eventuele verschillen in inzicht tussen belanghebbenden in het geval van populatiebeheer beslecht?

Antwoord:
Zie antwoord op vraag 9.

Voorts wordt gesteld:
In de casus van de konikpaarden op de Landtong werd duidelijk dat natuurgebieden in Rotterdam maar beperkte draagkracht hebben. De beheerder van de kudde betoogde dat de Landtong te klein bleek voor het aantal konikpaarden dat zich op een gegeven moment in het gebied bevond. Het lijkt er dus op dat de beheerder zich bedient van wetenschappelijke inzichten om te kunnen stellen dat de draagkracht van een bepaald gebied met grote grazers dreigt te worden overschreden.

Vraag 11:
Hoe wordt volgens het college door beheerders van kuddes grote grazers vastgesteld dat een kudde te groot is voor het gebied waarin het zich bevindt?

Antwoord:
Wij vertrouwen erop dat er deskundigen op gebied van ecologisch groenbeheer hierbij geraadpleegd worden. In het geval van de Landtong gaat het om een afweging waarbij de (verwachtte) omvang van de kudde afgezet wordt tegen de hoeveelheid beschikbaar voedsel en de doelstellingen die voor het gebied bepaald zijn voor de natuurwaarden.

Voorts wordt gesteld:
Als vervolgens wordt vastgesteld dat de kudde te groot is (geworden), neemt de beheerder maatregelen. Een van de maatregelen is om het natuurgebied te vergroten, maar vaak is dat ruimtelijk niet mogelijk. Een logische andere maatregel is om de kudde te verkleinen. Eventueel kan het aantal geboorten in de kudde worden beperkt, zodat door natuurlijk verloop de kudde weer inkrimpt. Een maatregel op korte termijn is
evenwel het verwijderen van grote grazers uit de kudde.

Vraag 12:
Weet het college welke criteria worden gehanteerd door beheerders om grote grazers te selecteren die vervolgens uit de kudde worden verwijderd? Indien ja, welke criteria zijn dat?

Antwoord:
De gemeente Rotterdam is niet betrokken bij het opstellen van criteria door andere terreinbeherende organisaties om grote grazers te selecteren die worden verwijderd uit een kudde. In het specifieke geval van de Landtong Rozenburg heeft de stichting Free Nature op haar website gezet welke criteria zij wilde hanteren voor de selectie van de konikpaarden die afgevoerd zouden worden. Inmiddels is dit echter achterhaald omdat de stichting het voornemen heeft om de hele kudde konikspaarden die nu op de Landtong verblijft, te verplaatsen naar Spanje.

De gemeentelijke kuddes worden door de boswachters beheerd. Zij zijn geschoold via het IPC (opleidingscentrum voor de groene ruimte) op het gebied van begrazingsbeheer en verzorging van vee in natuurterreinen. Daardoor zijn zij in staat om de juiste omvang van de kudde te bepalen. Factoren die een rol spelen bij het besluit om dieren uit een kudde te verwijderen zijn onder meer: grootte van het terrein, de ontwikkeling van het natuurdoe?type, grootte van de aanwas van de kudde, aanbod van voedsel en conditie van de oudere dieren.

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer