SV: Loca­tie­pro­fielen evene­menten in parken


Indiendatum: feb. 2016

Medio vorig jaar heeft het college de profielen van locaties voor evenementen in 2016 vrijgegeven. Ook enkele parken worden beoogd als evenementenlocatie. Voor parken dient vooraf duidelijk te zijn hoe het evenement in kwestie zich verhoudt tot de groene omgeving. Wij hebben in dit kader gemengde gevoelens over de 'scorebordmethodiek' die de wethouder verantwoordelijk voor evenementen wil hanteren om groen en natuurschoon een plek te geven in de beoordeling van de geschiktheid van een bepaalde locatie voor het accommoderen van een evenement. Enerzijds is deze aanpak een erkenning van natuurwaarden, maar anderzijds mondt zij uit in een exercitie van plusjes en minnetjes waarbij eventuele schade aan het groen wordt weggestreept ten faveure van andere beoordelingscriteria. Scorebordmethodiek is volgens ons niet toe te passen waar het kwetsbare natuur betreft.

1. Vindt het college dat ten minste in sommige gevallen kwetsbare natuur van een evenementenlocatie niet kan worden verhandeld binnen de voornoemde scorebordmethodiek? Indien nee, waarom niet? Indien ja, op welke manier geeft het college in deze gevallen invulling aan de geschiktheid van een bepaalde evenementenlocatie?

2. Zijn er aan de hand van de scorebordmethodiek potentiële evenementenlocaties afgevallen waarbij de flora en fauna een leidende rol heeft gespeeld? Indien ja, welke evenementenlocaties zijn dit?

In de commissievergadering Zorg, Onderwijs, Cultuur en Sport (ZOCS) van 13 januari jongstleden zijn de locatieprofielen besproken. Tijdens de vergadering is aan voornoemd wethouder gevraagd of er stadsecologen betrokken zijn geweest bij de totstandkoming van de profielen. Dat bleek het geval te zijn. In de beantwoording van onze schriftelijke vragen over het bevrijdingsfestival in Het Park (met kenmerk 15bb4091) bleek dat voor deze specifieke locatie in 2009 voor het laatst een stadsecoloog betrokken is geweest bij de totstandkoming van het bijbehorende profiel. Wij weten niet of in 2009 ook de andere locatieprofielen door een stadsecoloog zijn beoordeeld. Ook weten wij niet bij welke instellingen de geconsulteerde stadsecologen in dienst zijn.

3. Op welk moment zijn er stadsecologen betrokken geweest bij de totstandkoming van de huidige locatieprofielen?

4. Bij welke instellingen zijn deze stadsecologen in dienst?

Locatieprofielen worden opgesteld aan de hand van beheersaspecten, zoals fysieke kenmerken van de plek, veiligheid en verkeer. Flora en fauna wordt momenteel niet aangemerkt als beheersaspect.

5. Is het college bereid flora en fauna als beheersaspect op te nemen in het opstellen van de locatieprofielen? Indien nee, waarom niet?

Wij hebben de locatieprofielen voor evenementen aandachtig doorgenomen (zie document met kenmerk 15bb6923). Het viel ons daarbij op dat bij de locatie Museumpark geen bepaling ten aanzien van de aanwezige flora en fauna is opgenomen. Ook bij de locatie Oeverpark Nesselande wordt zulk een bepaling node gemist, vooral omdat 'groen' als fysieke drager van de evenementenlocatie wordt geduid.

6. Waarom is er volgens het college voor de evenementenlocaties Museumpark en Oeverpark Nesselande geen bepaling opgenomen ten aanzien van de aanwezige flora en fauna?

De locatie Strand Hoek van Holland grenst aan een kwetsbaar duingebied, onderdeel van Natura-2000-gebied Solleveld & Kapittelduinen. In de vaststelling van het locatieprofiel wordt hier echter slechts zeer summier naar verwezen. Er wordt in relatie tot het kwetsbaar duingebied geen voorbehoud gemaakt voor het type evenement dat op deze locatie kan of mag worden gehouden.

7. Op welke wijze heeft het college rekening gehouden met een kwetsbaar duingebied in de directe nabijheid van de evenementenlocatie Strand Hoek van Holland?

In het locatieprofiel wordt terecht geconstateerd dat het Roel Langerakpark bij drassig weer ongeschikt is als evenementenlocatie vanwege de slechte waterhuishouding en daarmee de kans op bodemverdichting. Problemen van deze aard zijn structureel. Ook het college weet dat niets meer veranderlijk is dan het weer. Een gepland evenement kan vrij letterlijk in het water vallen. Overigens geldt de aangestipte problematiek ook voor de locatie Parklaan en het Vroesenpark. Op laatstgenoemde festivallocatie liggen er na regenval overal plassen, precies op die plekken waar de podia en zware voertuigen van voorgaande festivals hebben gestaan (zie bijgevoegde foto's).

8. Wat gaat het college doen als voorafgaand aan een evenement in het Roel Langerakpark wordt geconstateerd dat de ondergrond te drassig is, als gevolg van zware regenval? Wordt het evenement op deze locatie dan ter plekke afgelast?

9. Is het college ermee eens dat de waterhuishouding van het Vroesenpark te wensen overlaat en dat dit consequenties heeft voor de geschiktheid van het park als festivallocatie? Indien nee, waarom niet?

Parken zijn leefgebieden voor dieren die in het wild leven. De Flora- en faunawet heeft verbodsbepalingen opgenomen waarin onomwonden staat dat dieren met rust moeten worden gelaten. Artikel 10 stelt bijvoorbeeld dat het verboden is om “dieren, behorende tot een beschermde inheemse diersoort, opzettelijk te verontrusten.” Vaak worden evenementen in het broedseizoen gepland. Over het broedseizoen stelt de Flora- en faunawet dat nesten, vaste rustplaatsen en voortplantingsplaatsen van vogels niet morgen worden verstoord. Het is vrijwel zeker dat in elk Rotterdams park een of meerdere vogels broeden tijdens het broedseizoen. Evenementen in parken werken in al deze gevallen verstorend. Versterkte muziek is een hele prominente bron van verstoring.

10. Hoe gaat het college ervoor zorgen dat in het wild levende dieren niet worden verstoord tijdens evenementen?

11. Is het college bereid bepalingen ten aanzien van versterkte muziek op te nemen in de profielen van parken die zijn aangemerkt als evenementenlocatie en waarvan het aannemelijk is dat er tijdens het broedseizoen vogels aanwezig zijn? Indien nee, waarom niet?

Op 27 april, op Koningsdag, vindt er in het Spinozapark in Lombardijen een evenement plaats. Deze evenementenlocatie wordt gekenmerkt door kwetsbare flora en fauna, zoals dat voor elk Rotterdams park geldt. Voor het Spinozapark is evenwel geen locatieprofiel opgesteld.

12. Is het college bereid een locatieprofiel op te stellen voor het Spinozapark? Indien nee, waarom niet?

Wij zien uw beantwoording met belangstelling tegemoet.

Indiendatum: feb. 2016
Antwoorddatum: 1 mrt. 2016

Op 04 februari 2016 stelden J.D. van der Lee (Partij voor de Dieren) en A.J.M. Laan (WD) ons schríftelijke vragen over de locatieprofielen van evenementen in parken.

Inleidend wordt gesteld:

Medio vorig jaar heeft het college de profielen van locaties voor evenementen in 2016 vrijgegeven. Ook enkele parken worden beoogd als evenementenlocatie. Voor parken dient vooraf duidelijk te zijn hoe het evenement in kwestie zich verhoudt tot de groene omgeving. De raadsleden hebben in dit kader gemengde gevoelens over de 'scorebordmethodiek' die de wethouder verantwoordelijk voor evenementen wil
hanteren om groen en natuurschoon een plek te geven in de beoordeling van de geschiktheid van een bepaalde locatie voor het accommoderen van een evenement.
Enerzijds is deze aanpak een erkenning van natuurwaarden, maar anderzijds mondt zij uit in een exercitie van plusjes en minnetjes waarbij eventuele schade aan het groen wordt weggestreept ten faveure van andere beoordelingscriteria. Scorebordmethodiek is volgens hen niet toe te passen waar het kwetsbare natuur betreft.

Hieronder volgen de vragen en onze beantwoording:

Vraag 1:
Vindt het college dat ten minste in sommige gevallen kwetsbare natuur van een evenementenlocatie niet kan worden verhandeld binnen de voornoemde scorebordmethodiek? Indien nee, waarom niet? Indien ja, op welke manier geeft het college in deze gevallen invulling aan de geschiktheid van een bepaalde evenementenlocatie?

Antwoord:
Het college is van mening dat bescherming van Flora en Fauna niet "verhandelbaar" en niet "verhandeld" is binnen de scorebordmethodiek. In de visie op evenementenlocaties is eenmalig een analyse gemaakt van alle bekende evenementenlocaties teneinde noodzakelijke acties te inventariseren om meer locaties beter geschikt te maken voor evenementen. Het scorebord dat is deze analyse is gebruikt, is nadrukkelijk geen
vervanging van de locatieprofielen waarin is aangegeven waar evenementen gewenst en ongewenst zijn en uitgebreide beheersaspecten zijn opgenomen waaronder ook aandacht voor Flora en Fauna, noch van de individuele afspraken die met organisatoren worden gemaakt teneinde evenementen veilig en zonder schade voor mens en dier te laten verlopen die zijn vastgelegd in de specifieke vergunningvoorwaarden.

Vraag 2:
Zijn er aan de hand van de scorebordmethodiek potentiële evenementenlocaties afgevallen waarbij de flora en fauna een leidende rol heeft gespeeld? Indien ja, welke evenementenlocaties zijn dit?

Antwoord:
Nee.

In de commissievergadering Zorg, Onderwijs, Cultuur en Sport (ZOCS) van 13 januari jongstleden zijn de locatieprofielen besproken. Tijdens de vergadering is aan voornoemd wethouder gevraagd of er stadsecologen betrokken zijn geweest bij de totstandkoming van de profielen. Dat bleek het geval te zijn. In de beantwoording van onze schriftelijke vragen over het bevrijdingsfestival in Het Park (met kenmerk 15bb4091) bleek dat voor deze specifieke locatie in 2009 voor het laatst een stadsecoloog betrokken is geweest bij de totstandkoming van het bijbehorende profiel.

Wij weten niet of in 2009 ook de andere locatieprofielen door een stadsecoloog zijn beoordeeld. Ook weten wij niet bij welke instellingen de geconsulteerde stadsecologen in dienst zijn.

Vraag 3:
Op welk moment zijn er stadsecologen betrokken geweest bij de totstandkoming van de huidige locatieprofielen?

Antwoord:
De stadsecologen zijn van januari 2015 tot augustus 2015 betrokken geweest bij de totstandkoming van de huidige focatieprofielen.

Vraag 4:
Bij welke instellingen zijn deze stadsecologen in dienst?

Antwoord:
De betrokken ecologen zijn in dienst van de gemeente Rotterdam. Locatieprofielen worden opgesteld aan de hand van beheersaspecten, zoals fysieke kenmerken van de plek, veiligheid en verkeer. Flora en fauna wordt momenteel niet aangemerkt als beheersaspect.

Vraag 5:
Is het college bereid flora en fauna als beheersaspect op te nemen in het opstellen van de locatieprofielen? Indien nee, waarom niet?

Antwoord:
In de huidige locatieprofielen is een paragraaf over Flora en Fauna onder beheersaspecten opgenomen. Daarnaast wordt hierover door Stadsbeheer, per evenement, geadviseerd op de evenementenvergunningaanvraag incl. plannen van organisatoren welke resulteren in specifieke vergunningsvoorwaarden.
Wij hebben de locatieprofielen voor evenementen aandachtig doorgenomen (zie document met kenmerk 15bb6923). Het viel ons daarbij op dat bij de locatie Museumpark geen bepaling ten aanzien van de aanwezige flora en fauna is opgenomen. Ook bij de locatie Oeverpark Nesselande wordt zulk een bepaling node gemist, vooral omdat 'groen'als fysieke drager van de evenementenlocatie wordt geduid.

Vraag 6:
Waarom is er volgens het college voor de evenementenlocaties Museumpark en Oeverpark Nesselande geen bepaling opgenomen ten aanzien van de aanwezige flora en fauna?

Antwoord:
In de vergadering van de commissie Zocs van 13 januari 2016 is toegezegd dat het onderdeel Flora en Fauna per direct ook aan het locatieprofiel van het Museumpark wordt toegevoegd. In het profiel voor Oeverpark Nesselande wordt het onderdeel Flora en Fauna toegevoegd zodra dit terrein is ingericht en het locatieprofiel weer wordt geüpdatet. Momenteel vinden op deze locatie nog geen evenementen plaats.
De locatie Strand Hoek van Holland grenst aan een kwetsbaar duingebied, onderdeel van Natura-2000-gebied Solleveld Å Kapittelduinen. In de vaststelling van het locatieprofiel wordt hier echter slechts zeer summier naar verwezen. Er wordt in relatie tot het kwetsbaar duingebied geen voorbehoud gemaakt voor het type evenement dat op deze locatie kan of mag worden gehouden.

Vraag 7:
Op welke wijze heeft het college rekening gehouden met een kwetsbaar duingebied in de directe nabijheid van de evenementenlocatîe Strand Hoek van Holland?

Antwoord:
Zowel op drukke stranddagen als tijdens festivals gebruiken bezoekers het duingebied vooral om bij het strand te komen. Bezoekers gaan in eerste instantie via de reeds aanwezige padenstructuur, via de Badweg waar ook de parkeerplaats is, en/of via het pad vanaf de strand boulevard als daar geparkeerd wordt. De toename van betreding van het duingebied is minimaal.
In het locatieprofiel wordt terecht geconstateerd dat het Roel Langerakpark bij drassig weer ongeschikt is als evenementenlocatie vanwege de slechte waterhuishouding en daarmee de kans op bodemverdichting. Problemen van deze aard zijn structureel. Ook het college weet dat niets meer veranderlijk is dan het weer. Een gepland evenement kan vrij letterlijk in het water vallen. Overigens geldt de aangestipte problematiek ook voorde locatie Parklaan en het Vroesenpark. Op laatstgenoemde festivallocatie liggen er na regenval overal plassen, precies op die plekken waar de podia en zware voertuigen van voorgaande festivals hebben gestaan (zie bijgevoegde foto's).

Vraag 8:
Wat gaat het college doen als voorafgaand aan een evenement in het Roel Langerakpark wordt geconstateerd dat de ondergrond te drassig is, als gevolg van zware regenval? Wordt het evenement op deze locatie dan ter plekke afgelast?

Antwoord:
Voorafgaand aan ieder evenement in de buitenruimte vindt er afstemming met Stadsbeheer plaats. Een paar dagen voorafgaand aan het evenement vindt er een voorschouw plaats. Wanneer extra maatregelen bijvoorbeeld t.a.v. de ondergrond noodzakelijk zijn dan wordt dit vanuit Stadsbeheer aan de organisator verzocht uit te voeren. Na afloop vindt een naschouw door Stadsbeheer plaats. Schade als gevolg van
een evenement is voor risico en rekening van de organisator. Hiertoe zijn de voor- en naschouw ingesteld.

Vraag 9:
Is het college ermee eens dat de waterhuishouding van het Vroesenpark te wensen overlaat en dat dit consequenties heeft voor de geschiktheid van het park als festivallocatie? Indien nee, waarom niet?

Antwoord:
Momenteel wordt onderzocht welke maatregelen op korte en lange termijn genomen kunnen worden om de fysieke staat van evenementenlocaties te verbeteren. Het Vroesenpark wordt hierin meegenomen.
Parken zijn leefgebieden voordieren die in het wild leven. De Flora- en faunawet heeft verbodsbepalingen opgenomen waarin onomwonden staat dat dieren met rust moeten worden gelaten. Artikel 10 stelt bijvoorbeeld dat het verboden is om "dieren, behorende tot een beschermde inheemse diersoort, opzettelijk te verontrusten." Vaak worden evenementen in het broedseizoen gepland. Over het broedseizoen stelt de Flora- en faunawet dat nesten, vaste rustplaatsen en voortplantingsplaatsen van vogels niet morgen worden verstoord. Het is vrijwel zeker dat in elk Rotterdams park een of meerdere vogels broeden tijdens het broedseizoen. Evenementen in parken werken in al deze gevallen verstorend. Versterkte muziek is een hele prominente bron van verstoring.

Vraag 10:
Hoe gaat het college ervoor zorgen dat in het wild levende dieren niet worden verstoord tijdens evenementen?

Antwoord:
Het college heeft bij het aanwijzen van de evenementenvelden rekening gehouden met de aanwezigheid van flora en fauna. Daarnaast worden organisatoren er in de locatieprofielen expliciet op gewezen dat flora en fauna gerespecteerd dienen te worden conform de geldende wetgeving en daarbij wordt vermeld waar zij voor specifiek advies terecht kunnen. Vervolgens geeft Stadsbeheer advies op de individuele
vergunningaanvragen en er kunnen in de evenementenvergunning aanvullende maatregelen ter bescherming van flora en fauna opgenomen worden. De organisator is eindverantwoordelijke voor het naleven van de Flora- en faunawetgeving. Het bevoegd gezag berust bij de minister van Economische Zaken. Het uitvoeringsorgaan belast met toezicht en handhaving is de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland.

Vraag 11:
Is het college bereid bepalingen ten aanzien van versterkte muziek op te nemen in de profielen van parken die zijn aangemerkt ais evenementenlocatie en waarvan het aannemelijk is dat er tijdens het broedseizoen vogels aanwezig zijn? Indien nee, waarom niet?

Antwoord:
Nee. Het college is van mening dat maatwerkafspraken in dit geval effectiever zijn. De profielen worden ca. iedere twee jaar geüpdatet. In het individuele vergunningentraject adviseren diensten als Stadsbeheer en DCMR.
Op 27 april, op Koningsdag, vindt er in het Spinozapark in Lombardijen een evenement plaats. Deze evenementenlocatie wordt gekenmerkt door kwetsbare flora en fauna, zoals dat voor elk Rotterdams park geldt. Voor het Spinozapark is evenwel geen locatieprofiel opgesteld.

Vraag 12:
Is het college bereid een locatieprofiel op te stellen voor het Spinozapark? Indien nee, waarom niet?

Antwoord:
Nee. Het Spinozapark wordt nauwelijks gebruikt voor evenementen, daarom achten wij een locatieprofiel (nog) niet noodzakelijk. Een locatieprofiel is niet voorwaardelijk om een evenement te kunnen organiseren, het dient als leidraad voor veelvuldig gebruikte locaties. Vergunningaanvragen voor evenementen, dus ook voor evenementen in het Spinoza park worden ter advisering aan Stadsbeheer voorgelegd.

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer