Raads­vragen: Leerrecht voor kinderen in nood­si­tu­aties


Geacht college,

Op 18 september jongstleden sprak een inwoner van Rotterdam in tijdens een vergadering van de commissie Zorg, Onderwijs, Cultuur en Sport (ZOCS) [1], voorafgaand aan de behandeling van het 'Plan van aanpak kwetsbare Rotterdammers'. De Rotterdammer vertelde ons dat hij en de overige gezinsleden voor een flink aantal maanden in de crisisopvang zaten, na een tijd in het buitenland te hebben verbleven. Daarbij stuitten de twee kinderen op leerplichtige leeftijd in het gezin op het probleem voor langere tijd geen onderwijs te kunnen volgen. Volgens de inspreker was dat een direct gevolg van het ontbreken van persoonsgegevens van de twee in de Basisregistratie Personen (BRP). Daardoor zijn zij verstoken geweest van het recht om te leren. De scholen konden of wilden de kinderen niet inschrijven. Wrang genoeg kreeg het gezin het aan de stok met de Inspectie van het Onderwijs, die handhaaft op naleving van de leerplicht.

Dit had nooit mogen gebeuren, zeker niet bij kinderen die in een noodsituatie zitten. Het leerrecht is een basisrecht. Gelukkig zitten de twee kinderen inmiddels op school.

De gemeenteraadsfractie van de Partij voor de Dieren is geschrokken van het nieuws over de rechteloze situatie waarin sommige van onze stadsgenoten zich bevinden, vooral omdat de directe aanleiding van een dergelijke situatie louter is ingegeven door een bureaucratische aangelegenheid zoals inschrijving in de BRP. Daarbij wijzen wij op een brief [2] van de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties gericht aan colleges van burgemeester en wethouders in het land eerder dit jaar waarin het volgende wordt gesteld:

“(...) ik wil u er met klem op wijzen dat mensen die (langer dan vier maanden) rechtmatig in Nederland verblijven als ingezetene in de BRP ingeschreven moeten worden.“


Het is in de geest van de Wet basisregistratie personen om inwoners zo snel mogelijk ingeschreven te krijgen in de BRP. De termijn van vier maanden is slechts bedoeld om gemeenten wat tijd te gunnen hun administratie op orde te krijgen. Overigens kunnen scholen ook zonder persoonsgegevens in de BRP en bij gebrek aan een burgerservicenummer nieuwe leerlingen inschrijven. De website [3] van de Rijksoverheid is hier helder in. Scholen kunnen een tijdelijk persoonsgebonden nummer (PGN) aanvragen bij de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) van het Rijk.

1. Klopt het dat het ontbreken van persoonsgegevens in de BRP voor sommige van onze stadsgenoten op leerplichtige leeftijd soms een sta-in-de-weg kan zijn om zich in te schrijven op een school? Indien ja, weet u over hoeveel stadsgenoten hiermee momenteel te maken hebben?

2. Klopt het dat scholen ook een tijdelijk PGN kunnen aanvragen bij DUO, om zo onze stadsgenoten op leerplichtige leeftijd zonder persoonsgegevens in de BRP zo snel mogelijk te laten doorstromen naar het onderwijs? Indien ja, komt het voor dat stadsgenoten ondanks deze mogelijkheid toch onnodig lang thuis moeten zitten?

3. Heeft u akte genomen van voornoemde brief van de minister die aan u is gericht? Indien ja, hoe heeft u de boodschap van de minister aan u gericht verwerkt in de werkwijze van de gemeente?

In het Programma Dienstverlening 2019-2022 [4] van de gemeente Rotterdam staat het volgende:

“Cluster Dienstverlening voert een onderzoek uit naar het verkorten van de wachttijd voor een afspraak voor Eerste inschrijving, inschrijving Register Niet Ingezetenen en hervestiging. De huidige servicenorm is dat men binnen vijf werkdagen terecht kan voor een afspraak. Vanwege het belang van een spoedige inschrijving in het BRP voor deze doelgroep is het doel van dit onderzoek inzichtelijk te maken welke maatregelen er genomen moeten worden om de wachttijd in te korten tot 1 werkdag.”

4. Komt het voor dat stadsgenoten bij hervestiging in Nederland ondanks de wens tot verkorten van de wachttijd toch in sommige uiterste gevallen maanden moeten wachten op inschrijving in de BRP? Indien ja, waarom?

Wij hebben vernomen dat kinderen tijdens intramuraal verblijf in zorginstellingen ook soms verstoken zijn van het volgen van onderwijs. Wij kunnen ons voorstellen dat het voor scholen niet altijd even makkelijk is om kinderen met bepaalde zorgproblematiek in te schrijven, omdat ze deze doelgroep niet goed kunnen bedienen. Maar het college heeft ook de wettelijke verplichting passend onderwijs te bieden. Teneinde invulling te geven aan het leerrecht van kinderen die noodgedwongen moeten verblijven in zorginstellingen, kan de gemeente proberen samen met onderwijsinstellingen het aanbod van de zogenoemde Cluster 4-scholen te versterken. Overigens verwijzen wij graag naar onlangs gestelde schriftelijke vragen [5] over wachtlijsten in het speciaal onderwijs, waar Cluster 4-scholen onderdeel van zijn.

5. Klopt het dat Rotterdamse kinderen die verblijven in zorginstellingen soms verstoken zijn van het volgen van onderwijs? Indien ja, waarom kunnen zij geen passend onderwijs vinden? Indien ja, weet u hoe groot deze groep kinderen is?

6. Wat gaat u doen om kinderen die verblijven in zorginstellingen en nu niet naar school gaan, zo snel mogelijk een passend onderwijsaanbod te doen?

1 Voor de vergadering, zie: https://rotterdam.raadsinformatie.nl/vergadering/586395/Commissie%20Zorg%2C%20Onderwijs%2C%20Cultuur%20en%20Sport%20%282018-2022%29%20%20%20%20%20%20%20%20%2018-09-2019

2 https://www.rijksoverheid.nl/documenten/brieven/2019/03/11/brief-over-problemen-van-burgers-bij-weigeren-inschrijving-in-basisregistratie-personen-brp

3 https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/privacy-en-persoonsgegevens/burgerservicenummer-bsn/bsn-in-het-onderwijs

4 https://rotterdam.raadsinformatie.nl/document/7538132/1/s19bb014503_1_33091_tds

5 https://rotterdam.raadsinformatie.nl/document/8007085/1/19bb21175