Raads­vragen: Bouw­lo­caties met tijdelijk groen


Geacht college,

De gemeenteraadsfractie van de Partij voor de Dieren in Rotterdam vindt het groenbeleid van het college schimmig. Het groenbeleid bestaat grofweg uit twee pijlers. Enerzijds stelt het coalitieakkoord 'Nieuwe energie voor Rotterdam' dat er in hoogwaardig groen niet gebouwd wordt, dat wil zeggen dat locaties met hoogwaardig groen niet aangemerkt worden als bouwlocatie. Het college heeft zich uiteraard te houden aan het coalitieakkoord. Anderzijds heeft het college als doelstelling opgenomen in deze bestuursperiode minimaal twintig hectare groen toe te voegen aan het bestaande groenareaal. Hierbij is ook de opmerking geplaatst dat zogenoemd 'tijdelijk groen' op bouwlocaties geen onderdeel uitmaakt van het groenareaal. Een afname van 'tijdelijk groen' door het bebouwen van locaties wordt niet gecompenseerd.

Momenteel kunnen wij het college niet controleren op haar eigen groenbeleid. De afdoening1 van de toezegging van het college om inzicht te verschaffen in de locaties met hoogwaardig groen biedt geen handvatten voor controle, want het college wil deze locaties niet prijsgeven. Over deze afdoening komen wij nog te spreken in een overlegvergadering van de commissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte.

De doelstelling omtrent toevoeging van twintig hectare groen aan het bestaande groenareaal is nauw verwant met het beleid omtrent hoogwaardig groen, omdat we geen inzicht hebben in de locaties in de stad die het college bebouwd wil zien. Zo bleek uit de discussie in de commissie BWB op 22 januari jongstleden over het eventueel bebouwen van de groenstrook aan de Parkhaven dat het college deze locatie altijd al had aangemerkt voor bebouwing. Het vigerende bestemmingsplan 'Scheepvaartkwartier' voorziet niet in deze bestemming.

Voornoemde doelstelling van twintig hectare groen erbij is vervat in 'Rotterdam gaat voor groen. 20 hectare erbij'2. In dit document staat dat de doelstelling wordt getoetst door de Rekenkamer. In dit document staat dat de Rekenkamer zal toetsen op de volgende twee afspraken:

Twintig hectare toevoeging aan het areaal groen binnen de gemeentegrenzen;
Toevoeging aan het areaal groen, exclusief de locaties die gereserveerd zijn voor bouwactiviteiten. Deze bouwlocaties zijn vaak tijdelijk groen ingericht.

1. Welke bouwlocaties met 'tijdelijk groen' heeft u gedeeld met de Rekenkamer voorafgaand aan de totstandkoming van de doelstelling te komen tot twintig hectare toegevoegd groen? Bent u bereid een lijst te doen toekomen van deze bouwlocaties?

2. Is deze lijst van bouwlocaties met 'tijdelijk groen' uitputtend? Of heeft u het recht bedongen om tussentijds de lijst aan te vullen met nieuwe locaties?

3. Bevat deze lijst van bouwlocaties met 'tijdelijk groen' ook locaties die niet als zodanig kunnen worden aangemerkt, gegeven de bestemming die voor de locaties geldt in de vigerende bestemmingsplannen? Indien ja, hoe kunt u dit toch aanmerken als 'tijdelijk groen'? Indien ja, vindt de Rekenkamer dat deze locaties kunnen worden aangemerkt als 'tijdelijk groen'?

De groenstrook aan de Parkhaven alsmede de bouwlocatie op de Landtong in Rozenburg (voor een nieuw distributiecentrum) beslaan bij elkaar opgeteld zo ongeveer tien hectare. Dat is de helft van de groenopgave die het college zichzelf heeft opgelegd. Wellicht zijn er nog andere groenlocaties in de stad met een aanzienlijk oppervlakte die kans lopen te worden bebouwd, zoals bijvoorbeeld het groen op een mogelijke aanlanding van een nieuwe oeververbinding in De Esch.

4. Ziet u het groen aan de Parkhaven ook als tijdelijk groen? Indien ja, sinds wanneer?

5. Ziet u het groen van de bouwlocatie op de Landtong ook als tijdelijk groen? Indien ja, sinds wanneer?

6. Hoeveel 'tijdelijk groen' denkt u tijdens deze bestuursperiode op te offeren voor bebouwing? Bent u bereid aan het einde van deze bestuursperiode ons een overzicht te doen toekomen van de afname van tijdelijk groen als gevolg van bebouwing, uitgedrukt in aantal hectare? Indien nee, waarom niet?

Tijdens de vergadering van de commissie BWB op 22 mei 20193 werd de doelstelling van twintig hectare groen erbij besproken. Op onze vraag of het toegevoegde groen ook een permanente bestemming in het kader van de ruimtelijke ordening krijgt, antwoordde het college ontkennend. Dit roept bij ons de vraag op hoe het college wil voorkomen dat haar doelstelling teniet wordt gedaan na afloop van de bestuursperiode. Voor het behalen van de doelstelling wordt zwaar geleund op de initiatieven van particulieren – bewoners en bedrijven – om de buitenruimte te vergroenen.

7. Hoe zorgt u ervoor dat het toegevoegde groen aan het groenareaal blijft, dat wil zeggen na afloop van deze bestuursperiode niet als 'tijdelijk groen' kan worden aangemerkt?

8. Voegt u momenteel ook groen toe aan locaties die u tevens, op een later moment, wenst te bebouwen? Indien ja, welke plekken zijn dit?

9. Welke afspraken maakt u met particulieren die het initiatief nemen tot vergroening van de buitenruimte en dus helpen uw doelstelling te behalen?

1 https://rotterdam.raadsinformatie.nl/document/8291100/1

2 https://rotterdam.raadsinformatie.nl/document/7610824/1

3 https://rotterdam.raadsinformatie.nl/vergadering/582917/Commissie%20Bouwen%2C%20Wonen%20en%20Buitenruimte%20%282018-2022%29%20%20%20%20%20%20%20%20%2022-05-2019