Oran­je­heuvel


Indiendatum: sep. 2015

Op de Oranjeheuvel, aan de oostzijde van het Nieuw-Oranjekanaal in ontwikkelgebied Oranjebonnen, ook wel aangeduid als (voormalig) slibdepot in documenten met betrekking tot de voorgenomen gebiedsontwikkeling, wordt op dit moment mais verbouwd. In een persbericht van de gemeente Rotterdam, uitgegeven in december 2014, wordt gesteld dat de pachter van de Oranjeheuvel een perceel geschikt gaat maken voor de verbouw van mais. In een later persbericht van de gemeente, uitgegeven in januari 2015, wordt gesteld dat het hier gaat over de verbouw van energiemais. Dit type mais kan bestemd zijn voor de productie van gas of bio-ethanol. Energiemais, alsook het digestaat dat resteert na energieopwekking, kan tevens dienen als veevoer en dus in de voedselketen terecht komen, terwijl het beslist niet geschikt is voor menselijke consumptie. De energiemais van de Oranjeheuvel wordt verbouwd op voorheen vervuilde grond waarop eind 2014 een zand- en leeflaag is aangebracht.

1. Welk type energiemais wordt thans op de Oranjeheuvel verbouwd?

2. Waar is de energiemais voor bestemd? Hoe wordt geborgd dat de energiemaïs niet in de voedselketen terecht komt?

3. Indien de energiemais (of het digestaat) dient als veevoer, vormt de verbouw op voorheen vervuilde grond mogelijk een gevaar voor de volksgezondheid als dit uiteindelijk in de voedselketen terecht komt?

Wij hebben vernomen dat het perceel waarop de energiemais wordt verbouwd niet is afgerasterd. Ook ontbreken er waarschuwingsborden om bezoekers van de Oranjeheuvel erop te attenderen maiskolven niet mee naar huis te nemen.

4. Vindt het college het net als wij wenselijk om het perceel met energiemais af te rasteren en te voorzien van waarschuwingsborden?

5. Weet het college of de pachter en/of ondernemer van het perceel waarop de energiemais wordt verbouwd een plan heeft opgesteld om te voorkomen dat het gewas door bezoekers van de Oranjeheuvel worden meegenomen?

6. Is het college bereid het pachtcontract verband houdende met het perceel waarop energiemais wordt verbouwd te doen toekomen aan de Raad? Indien nee, kan het college ons informeren over:

  • De reden waarom er voor een pachter buiten het ontwikkelgebied is gekozen (zie de collegebrief met kenmerk 13gr2948);
  • Beperkende maatregelen die in het pachtcontract zijn opgenomen, bijvoorbeeld met betrekking tot de gewassen die door de gemeente zijn toegestaan;
  • Afspraken tussen de pachter en de gemeente met betrekking tot de verbouw van gewassen;
  • De verdeling van opbrengsten voortkomend uit economische activiteit tussen pachter en de gemeente.

Wij hebben geconstateerd dat de waterpartijen op de Oranjeheuvel vaak een gele kleur hebben. Wij willen zeker weten dat er hier geen sprake is van bodemverontreiniging.

7. Klopt het volgens het college dat het water op de Oranjeheuvel vaak een gele kleur heeft? Indien ja, kan het college uitleggen waarom het water een gele kleur heeft?

8. Wordt het water regelmatig bemonsterd? Indien ja, is het college bereid ons de meetresultaten te doen toekomen?

In het persbericht van begin januari 2015 staat dat wordt overwogen in 2016 een schaapskudde te laten grazen op de Oranjeheuvel. Als dit doorgang heeft, dan geldt ook nu dat vragen omtrent de voedselketen in relatie tot volksgezondheid aan de orde zijn. Even belangrijk is uiteraard het waarborgen van dierenwelzijn.

9. Weet het college al meer over de toekomst van de schaapskudde op de Oranjeheuvel en de mogelijke gevolgen voor mens en dier?

In het persbericht van begin januari staat ook dat er de komende jaren andere energiegewassen zullen worden verbouwd, zoals koolzaad. Onze zorgen gelden evengoed voor andere energiegewassen. Wij hebben echter uit andere bronnen vernomen dat er na de oogstperiode dit jaar wintertarwe zal worden verbouwd. Wintertarwe is wel degelijk geschikt voor menselijke consumptie.

10. Klopt het dat er op de Oranjeheuvel binnenkort wintertarwe zal worden verbouwd? Indien ja, waar is de wintertarwe voor bestemd?

11. Kan het college een gevaar voor de volksgezondheid uitsluiten als de wintertarwe in de voedselketen terecht komen, in de vorm van grove tarwe, brood, halffabricaat of indirect als digestaat bestemd voor veevoer?

De toekomst van de Oranjeheuvel is in het ongewisse. DCMR heeft in januari 2015 een conceptversie van het document “Milieuaspecten bij Ontwikkelplan Oranjebonnen” (1) uitgegeven. In dit document valt op te maken dat de Oranjeheuvel mogelijk wordt herbestemd tot een bungalowpark. Indien dit plan doorgang heeft, dan is mogelijk aanvullende bodemsanering vereist.

12. Welke bestemming rust er thans op de Oranjeheuvel? In welk vigerend bestemmingsplan is dit verankerd?

13. Waarom is volgens het college de bodemkwaliteit een mogelijk probleem in het geval van herbestemming, terwijl dit voor de agrarische functies geen punt van zorg is?

In een brief van het vorige college (kenmerk 13gr2948) aan de toenmalige commissie Fysieke Infrastructuur en Buitenruimte (FIB) wordt de mogelijkheid open gelaten de Oranjeheuvel te herbestemmen tot golfbaan. In de brief staat dat, vergeleken met een herbestemming tot golfbaan, de eisen voor het gebruik van de Oranjeheuvel als landbouwgrond qua bodemgesteldheid en grondsamenstelling hoger liggen.

14. Is de herbestemming van de Oranjeheuvel tot golfbaan nog steeds actueel? Indien nee, zijn er andere locaties in ontwikkelgebied Oranjebonnen die momenteel voor deze functie worden overwogen?

15. Zijn er volgens het college analyses met betrekking tot bodemgesteldheid en grondsamenstelling uitgevoerd die het gebruik van de Oranjeheuvel als landbouwgrond rechtvaardigen? Indien nee, waarom niet? Indien ja, kan het college ons deze analyses doen toekomen?

Ik zie uw beantwoording met belangstelling tegemoet.

(1) http://www.rotterdam.nl/Clusters/Stadsontwikkeling/Document%202015/Oranjebonnen/Verkenning%20Milieuaspecten%20bij%20Ontwikkelplan%20Oranjebonnen.pdf

Indiendatum: sep. 2015
Antwoorddatum: 10 mei 2016

Op 30 september 2015 stelde het raadslid J.D. van der Lee (Partij voor de Dieren) ons schríftelijke vragen over de Oranjeheuvel.

Inleidend wordt gesteld door de Partij voor de Dieren:

“Op de Oranjeheuvel, aan de oostzijde van het Nieuw-Oranjekanaal in ontwikkelgebied Oranjebonnen, ook wel aangeduid als (voormalig) slibdepot in documenten met betrekking tot de voorgenomen gebiedsontwikkeling, wordt op dit moment mais verbouwd. In een persbericht van de gemeente Rotterdam, uitgegeven in december 2014, wordt gesteld dat de pachter van de Oranjeheuvel een perceel geschikt gaat
maken voor de verbouw van mais. In een later persbericht van de gemeente, uitgegeven in januari 2015, wordt gesteld dat het hier gaat over de verbouw van energiemais. Dit type mais kan bestemd zijn voor de productie van gas of bio-ethanol. Energiemais, alsook het digestaat dat resteert na energieopwekking, kan tevens dienen als veevoer en dus in de voedselketen terecht komen, terwijl het beslist niet geschikt is voor menselijke consumptie. De energiemais van de Oranjeheuvel wordt verbouwd op voorheen vervuilde grond waarop eind 2014 een zand- en leeflaag is aangebracht.”

Hieronder volgen de vragen en onze beantwoording:

Vraag 1:
Welk type energiemais wordt thans op de Oranjeheuvel verbouwd?

Antwoord:
De pachtovereenkomst voorziet niet in een nadere informatieplicht van de pachter aan de gemeente t.a.v. de soort van het gewas, zie het antwoord op vraag 2.

Vraag 2:
Waar is de energiemais voor bestemd? Hoe wordt geborgd dat de energiemais niet in de voedselketen terecht komt?

Antwoord:
De pachtovereenkomst stelt geen nadere eisen aan de bestemming van de gewassen.
De energiemais is bestemd om vergist te worden in een mestvergister. De mais wordt hierbij toegevoegd aan de te vergisten mest. De pachter heeft aangeboden daar een delegatie van de raad te (doen) ontvangen en een toelichting te geven op deze en andere vragen en daarmee ook inzicht te geven op de wijze waarop hij de rol en verplichtingen van pachter invult.
Op het gebied van voedselveiligheid geldt algemene regelgeving waaraan een producent dient te voldoen. Toezicht en handhaving op deze regelgeving rust bij NAKAGRO 8, ISAcert.

Vraag 3:
Indien de energiemais (of het digestaat) dient als veevoer, vormt de verbouw op voorheen vervuilde grond mogelijk een gevaar voor de volksgezondheid als dit uiteindelijk in de voedselketen terecht komt?

Antwoord:
De energiemaïs dient niet als veevoer.

Inleidend wordt verder gesteld:

“Wij hebben vernomen dat het perceel waarop de energiemais wordt verbouwd niet is afgerasterd. Ook ontbreken er waarschuwingsborden om bezoekers van de Oranjeheuvel erop te attenderen maïskolven niet mee naar huis te nemen.”

Vraag 4:
Vindt het college het net als wij wenselijk om het perceel met energiemais af te rasteren en te voorzien van waarschuwingsborden?

Antwoord:
Nee. Er is geen reden tot gevaar voor de volksgezondheid op basis van de algemene regelgeving, de saneringsbeschikking TC 14-44-008 en pachtovereenkomst die een afdoende formeel kader vormen. Er is ook materieel geen aanleiding te veronderstellen dat verontreinigingen uit de bodem in de gewassen voorkomen.

Vraag 5:
Weet het college of de pachter en/of ondernemer van het perceel waarop de energiemais wordt verbouwd een plan heeft opgesteld om te voorkomen dat het gewas door bezoekers van de Oranjeheuvel worden meegenomen?

Antwoord:
Ja. De pachter heeft hiervoor geen plan opgesteld.

Vraag 6:
Is het college bereid het pachtcontract verband houdende met het perceel waarop energiemais wordt verbouwd te doen toekomen aan de Raad? Indien nee, kan het college ons informeren over:
- De reden waarom er voor een pachter buiten het ontwikkelgebied is gekozen (zie de collegebrief met kenmerk 13gr2948);
- Beperkende maatregelen die in het pachtcontract zijn opgenomen, bijvoorbeeld met betrekking tot de gewassen die door de gemeente zijn toegestaan;
- Afspraken tussen de pachter en de gemeente met betrekking tot de verbouw van gewassen;
- De verdeling van opbrengsten voortkomend uit economische activiteit tussen pachter en de gemeente.

Antwoord:
De reden van de keus voor deze partij staat niet vermeld in de overeenkomst. De reden voor deze keuze was dat deze partij de meest aansprekende aanbieding deed en bovendien bereid bleek open te staan voor de inbreng van een mededinger die eveneens Ínhoud geven aan het ontwikkelplan (schaapherder). Er waren meerdere partijen geïnteresseerd in pacht van dit terrein. Er is een open procedure gevolgd voor
toewijzing. De pachtovereenkomst voorziet in een vaste prijs voor de gemeente die niet afhankelijk is gemaakt van de opbrengst van de teelt. De pachtovereenkomst is bijgevoegd.

Inleidend wordt verder gesteld:

“Wij hebben geconstateerd dat de waterpartijen op de Oranjeheuvel vaak een gele kleur hebben. Wij willen zeker weten dat er hier geen sprake is van bodemverontreiniging.”

Vraag 7:
Klopt het volgens het college dat het water op de Oranjeheuvel vaak een gele kleur heeft? Indien ja, kan het college uitleggen waarom het water een gele kleur heeft?

Antwoord:
Ja, het water kleurt regelmatig geel. In het Informatieplatform Oranjebonnen (IPO) van 8 september 2015 kwam aan de orde dat er mogelijk watermonsters zijn genomen door DCMR, het Hoogheemraadschap en/of pachter. Ambtelijk hebben wij hier navraag naar gedaan. Hieruit is gebleken dat het Hoogheemraadschap watermonsters heeft genomen op de Oranjeheuvel zelf en monsters heeft genomen van het afstromend grondwater.
Het grondwater is ijzerrijk, waardoor het water geel kleurt. Dit wordt niet veroorzaakt door bodemverontreiniging, maar doordat de Oranjeheuvel zelf veel ijzer bevat. Dit verschijnsel komt bij elk gronddepot voor en levert geen gevaar op. Het depot watert via de sloot direct af op het Oranjekanaal en niet verder de polder in. Er is dus geen relatie aangetoond met de eerdere sanering of verontreiniging van de leeflaag met (te) grove compost die op last van de DCMR is verwijderd (zorgplicht art 13 wbb).

Vraag 8:
Wordt het water regelmatig bemonsterd? Indien ja, is het college bereid ons de meetresultaten te doen toekomen?

Antwoord:
Nee, er is geen aanleiding om het water regelmatig te bemonsteren. In gevolge de beschikking TC 14-44-008 van 17 november 2014 is de grondwatermonitoring - in het kader van Wet bodembescherming en de Wet Milieubeheer- beëindigd.

Inleidend wordt verder gesteld:

“In het persbericht van begin januari 2015 staat dat wordt overwogen in 2016 een schaapskudde te laten grazen op de Oranjeheuvel. Als dit doorgang heeft, dan geldt ook nu dat vragen omtrent de voedselketen in relatie tot volksgezondheid aan de orde zijn.
Even belangrijk is uiteraard het waarborgen van dierenwelzijn.”

Vraag 9:
Weet het college al meer over de toekomst van de schaapskudde op de Oranjeheuvel en de mogelijke gevolgen voor mens en dier?

Antwoord:
Ja. De pachter heeft overleg met de schaapherder over het gebruik in 2016. De eerder genoemde beschikking stelt dat na de sanering voor de gebruiksfunctie landbouw en recreatie als zorgmaatregel en/of gebruiksbeperking de aangebrachte leeflaag moet worden gehandhaafd. De begrazing door de schaapskudde is een vorm van ‘agrarisch gebruik’ die in overeenstemming is met de zorgmaatregel en/of gebruiksbeperking na sanering die is opgenomen in de eerder genoemde beschikking.
In het persbericht van begin januari staat ook dat er de komende járen andere energiegewassen zullen worden verbouwd, zoals koolzaad. Onze zorgen gelden evengoed voor andere energiegewassen. Wij hebben echter uit andere bronnen vernomen dat er na de oogstperiode dit jaar wintertarwe zal worden verbouwd. Wintertarwe is wel degelijk geschikt voor menselijke consumptie.

Vraag 10:
Klopt het dat er op de Oranjeheuvel binnenkort wintertarwe zal worden verbouwd? Indien ja, waar is de wintertarwe voor bestemd?

Antwoord:
Ja. De pachter had dit voornemen al kenbaar gemaakt in het reguliere ambtelijke overleg met de gemeente. De wintertarwe zal een veevoertarwe worden.

Vraag 11:
Kan het college een gevaar voor de volksgezondheid uitsluiten als de wintertarwe in de voedselketen terecht komen, in de vorm van grove tarwe, brood, halffabricaat of indirect als digestaat bestemd voor veevoer?

Antwoord:
Ook deze teelt valt onder algemene regelgeving m.b.t. voedselveiligheid, zie vraag 1 en wordt dus door die betreffende instanties gecontroleerd.

Inleidend wordt verder gesteld:

“De toekomst van de Oranjeheuvel is in het ongewisse. DCMR heeft in januari 2015 een conceptversie van het document “Milieuaspecten bij Ontwikkelplan Oranjebonnen” uitgegeven. In dit document valt op te maken dat de Oranjeheuvel mogelijk wordt herbestemd tot een bungalowpark. Indien dit plan doorgang heeft, dan is mogelijk aanvullende bodemsanering vereist.”

Vraag 12:
Welke bestemming rust er thans op de Oranjeheuvel? In welk vigerend bestemmingsplan is dit verankerd?

Antwoord:
De Oranjeheuvel heeft de bestemming "Recreatie". Deze bestemming maakt recreatie in de vorm van wandel, fiets- en ruiterpaden mogelijk. Deze bestemming is verankerd in het ‘bestemmingsplan Oranjebonnen (fase 1)’, dat op 31 augustus 2013 onherroepelijk is geworden.

Vraag 13:
Waarom is volgens het college de bodemkwaliteit een mogelijk probleem in het geval van herbestemming, terwijl dit voor de agrarische functies geen punt van zorg is?

Antwoord:
Voor elke eventuele (her)bestemming geldt ten minste de huidige zorgmaatregel en/of gebruiksbeperking, zie het antwoord op vraag 9.

Inleidend wordt verder gesteld:

“In een brief van het vorige college (kenmerk 13gr2948) aan de toenmalige commissie Fysieke Infrastructuur en Buitenruimte (FIB) wordt de mogelijkheid open gelaten de Oranjeheuvel te herbestemmen tot golfbaan. In de brief staat dat, vergeleken met een herbestemming tot golfbaan, de eisen voor het gebruik van de Oranjeheuvel als landbouwgrond qua bodemgesteldheid en grondsamenstelling hoger liggen.”

Vraag 14:
Is de herbestemming van de Oranjeheuvel tot golfbaan nog steeds actueel? Indien nee, zijn er andere locaties in ontwikkelgebied Oranjebonnen die momenteel voor deze functie worden overwogen?

Antwoord:
Herbestemmen van de Oranjeheuvel wordt nu niet overwogen. De Oranjeheuvel heeft recent de bestemming "Recreatie”gekregen. De realisatie van bijvoorbeeld een golfbaan is op basis van deze bestemming op de Oranjeheuvel niet mogelijk. Er zijn investeerders die spelen met de gedachte tot ontwikkeling van een natuurgolfbaan elders in het gebied.

Vraag 15:
Zijn er volgens het college analyses met betrekking tot bodemgesteldheid en grondsamenstelling uitgevoerd die het gebruik van de Oranjeheuvel als landbouwgrond rechtvaardigen? Indien nee, waarom niet? Indien ja, kan het college ons deze analyses doen toekomen?

Antwoord:
Ja. De gemeente heeft door middel van de eerdergenoemde beschikking TC 14 -44 -008 ingestemd met het evaluatieverslag van de sanering van deze locatie. Deze beschikking is als bijlage bijgevoegd. In het kader van de eerdere besluitvorming is de kwaliteit van de oorspronkelijke baggerspecie en die van de leeflaag beoordeeld. Via de DCMRwebsite (thema bodem, omgeving in kaart) zijn de relevante onderzoekrapporten en het evaluatieverslag te raadplegen.

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer