Bijdrage: Voort­gangs­rap­portage Woonvisie


Uitge­sproken in de verga­dering van de commissie BWB op 27 oktober 2021

27 oktober 2021

Voorzitter,

Onze bijdrage vandaag gaat voornamelijk over een dalende corporatievoorraad en een particuliere sociale voorraad die daar dan blijkbaar tegenover zou staan. Maar niet meer bestaat. Wij hebben in onze voorbereiding de niet-openbare bijlagen van de ‘Bestuurlijke overeenkomst wijken in balans 2019-2030’ tussen gemeente en de vier grote corporaties ingezien. Die bijlage is te vinden in de bijdrage van mevrouw Van Eijk, de eerste inspreker van vandaag.

Wat lazen we zoal? In Vreewijk moeten er tot 2030 ruim duizend sociaalbasiswoningen van Havensteder weg. In Oud-Crooswijk van deze corporatie ongeveer 900, In Bospolder 450, in Tussendijken 350 en in de Agniesebuurt 300. Sociaal basis is het prijssegment tot de tweede aftoppingsgrens, zeg maar de woningen waar de minst bedeelden aanspraak op maken. We hopen dat Havensteder er nog een beetje zin in heeft.

Woonstad gaat haar sociaalbasisbezit in het Oude Westen met 560 woningen tot 2030 terugbrengen. Daarvan worden er 230 sociaal plus; 330 houden op sociaal basis te zijn. In Spangen gaat sociaal basis met 290 in de min. In Feijenoord met 650. Wat is hier in godsnaam aan de hand?

Voorzitter, wat heeft de wethouder tegen sociaal basis? Snapt de wethouder dat hij hiervoor niet zijn rijkere Rotterdammers krijgt, maar dat zittende huurders simpelweg meer gaan betalen? Of moeten die huurders ergens anders gaan wonen? We horen graag hoe de omzetting van sociaal basis naar sociaal plus in werking wordt gezet.

Hoe denkt de wethouder de ijkpunten sociale voorraad te kunnen halen, met deze mutatieagenda? We horen het graag. We dagen de wethouder uit om het woord 'doorstroming' te vermijden.

De wethouder leunt zwaar op de particuliere woningmarkt, blijkt. Vreewijk is een mooie casus. Behalve de duizend woningen van Havensteder in sociaal basis gaan er ook meer dan honderd corporatiewoningen in sociaal plus op de schop. Daartegenover staat dat er een toename is van sociaal basis met liefst zevenhonderd woningen en van sociaal plus met zo’n vierhonderd woningen in de particuliere voorraad. Wij zijn benieuwd of de wethouder in Sinterklaas gelooft.

Dit gebeurt niet alleen in Vreewijk. Zo gaan particulieren in de Agniesebuurt volgens de niet-openbare bijlage tweehonderd extra woningen in sociaal basis aanbieden, bij 2030. In Delfshaven honderd stuks. In Groot IJsselmonde nog eens tweehonderd. Hoe dan, voorzitter?

Want voorzitter, hoe denkt de wethouder een stijging van particuliere voorraad te bewerkstelligen? Denkt hij dat particulieren hun goudmijn – een woning – nog willen verhuren tot de tweede aftoppingsgrens? Een koopwoning sociaal basis is gemaximeerd op €141.000. Denkt de wethouder nou werkelijk dat er in dit tijdsgewricht nog woningen tot dit bedrag worden verkocht? Gaat Havensteder haar huurders aanbieden de woning voor dit bedrag te kopen? Indien nee, hoe dan?

Wij zien graag dat de wethouder toezegt voor alle negentien wijken die volgens zijn beleid teveel aan sociaal hebben, en daarvoor de corporatievoorraad laat krimpen, te verklaren hoe er op een stijging in particuliere voorraad wordt geanticipeerd. Kan hij dat toezeggen?

Onderzoeksbureau RIGO schrijft in haar rapportage over ‘Schaarste in de Rotterdamse woningvoorraad’ van 29 oktober 2020 dat koopwoningen in het sociale segment nauwelijks worden aangeboden. Denkt de wethouder dat dit nu wel het geval is? Zo ja, waar baseert hij deze aanname op?

Hoe komt de wethouder überhaupt bij verwachtingen over ontwikkelingen in de particuliere voorraad?

Dan over de Voortgangsrapportage. Waar zullen de 44% sociaal van de 3.125 woningen waarmee in 2020 is gestart, zich zullen gaan bevinden? Hoeveel van deze huurwoningen zullen nu al bekend per afspraak worden geliberaliseerd? Overigens stelt de wethouder dat ruim een derde van de ruim tienduizend woningen in deze bestuursperiode sociaal zijn. De corporaties houden het op een fractie daarvan, zo'n driehonderd. Wie bedient zich hier van alternatieve feiten? Ik denk het antwoord te weten.

Er wordt geschermd met een gemiddelde wachttijd voor een woning van zo’n drie jaar. Woonstad laat echter in de krant - het AD - optekenen dat dit vijf jaar is, vanwege het hoge aantal urgentieverklaringen. Bijvoorbeeld personen wiens woning gesloopt is. Wat heeft de wethouder hierop te zeggen?

In de voortgangsrapportage staat: "de daling van de sociale voorraad zit al aan de grenzen van wat het Addendum toestaat voor de totale periode tot 2030". Betekent dit het einde van de Woonvisie?

Tot zover, voorzitter.

--

Klik hier voor de uitzending van de vergadering op het raadsinformatiesysteem van de gemeenteraad van Rotterdam.