Bijdrage: Trans­for­matie Twee­bos­buurt


Uitge­sproken in de verga­­­­­dering van de commissie BWB op woensdag 21 november 2018

21 november 2018

Voorzitter,

Het college geeft aan te gaan voor een gedifferentieerd woonmilieu op Zuid, in wijken zoals de Tweebosbuurt. Dit doet het college door sociale huurwoningen te slopen en te vervangen voor nieuwe huizen in verschillende typen en prijsklassen. Het sociale mengen van verschillende inkomensgroepen wordt bewerkstelligd door simpelweg het aanbod van goedkope woningen terug te dringen. Kan de wethouder toelichten wat dit betekent voor de kansen voor lagere inkomens om nog een betaalbare woning te vinden? Ik zie namelijk deze kansen, vooral gezien de huidige oververhitte woningmarkt, enorm verslechteren door het ingrijpen van de gemeente. Graag een reactie.

Het mengen van wijken zal uiteindelijk leiden tot een sterkere segregatie in de stad. Armere bewoners worden namelijk gedwongen te verhuizen naar de perifere buurten in Rotterdam en naar de randgemeenten. Er ontstaat door dit grootschalig ingrijpen op wijkniveau een waterbedeffect: de armoede wordt niet aangepakt, maar die wordt verschoven naar de periferie. Hoe kijkt de wethouder hier naar? Eerder is al aangegeven dat buurtgemeenten belangrijk zijn. Maar Capelle aan de IJssel en Vlaardingen hanteren de Rotterdamwet in een aantal buurten om de instroom van lage inkomens te beperken. Klop dit? Is de wethouder hiervan op de hoogte? Voor mij is het een teken aan de wand. Hoe kijkt de wethouder naar deze suburbanisatie van armoede? Graag een reactie.

Er wordt gesteld zorgvuldig te worden omgegaan met de herhuisvesting van de huidige bewoners. De huidige overspannen woningmarkt en het tekort aan betaalbare woningen lijken mij dit een lastige opgave te maken. Zijn hier al concrete oplossingen voor? Of is de situatie straks zo dat we als Raad moeten beslissen over de transformatie van de Tweebosbuurt zonder te weten waar deze bewoners terecht komen? Van bewoners hebben we geluiden gehoord dat er geen woningen beschikbaar zijn waar zij op kunnen reageren. En als er wel iets beschikbaar is, dan is de woning kleiner, duurder en in slechtere staat met bijvoorbeeld een slechter energielabel.

De huidige staat van de woningen: daar wordt over gezegd dat in het algemeen de energielabels te slecht zijn. Het renoveren en verduurzamen van de woningen is een te dure opgave, zo maak ik uit de stukken op. En de heer Post gaf ook al aan dat nieuwbouw van stukken goedkoper is dan renovatie. Hier maak ik me zorgen om. Want is duidelijk hoeveel sociale woningen in Rotterdam in eenzelfde slechte staat verkeren? Hoe gaat de wethouder daar dan mee om? Ook allemaal slopen?

Tot slot, voorzitter. wie wil nou eigenlijk slopen, de gemeente of Vestia? Kan de wethouder aangeven hoe de wettelijke verplichting werkt dat woningcorporaties zich moeten scharen achter de woonvisie van een gemeente, in dezen het bevoegd gezag? Mag een dergelijke Woonvisie ook bepalingen opnemen ten aanzien van differentiatie van inkomensgroepen waar een woningcorporatie als Vestia steun aan moet verlenen, wettelijk gezien? Indien ja, waarom rept Vestia steeds over het NPRZ terwijl het dan toch echt de Woonvisie is die de samenwerking tussen gemeente en de woningcorporatie verplicht stelt? En is de Woonvisie een aanvulling op het NPRZ? Hoe moeten we de relatie tussen deze beleidsbepalende stukken? Wat is juridisch gezien leidend?

Tot zover, voorzitter.

--

Klik hier voor de uitzending van de vergadering op het raadsinformatiesysteem van de gemeenteraad van Rotterdam.