Bijdrage: Kadernota 2022 Gemeen­schap­pe­lijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond


Uitge­sproken in de verga­dering van de commissie ZOCS op 18 november 2020

18 november 2020

Voorzitter,

Wij vinden het goed beleid dat de GRJR deelnemende gemeenten in de gelegenheid stelt een zienswijze te kunnen indienen.

In de kadernota staat: “VWS laat onderzoek doen naar de noodzaak van structurele extra middelen voor jeugdzorg vanaf 2022. De resultaten worden in het voorjaar van 2021 verwacht. In afwachting hiervan zijn voor de jaren 2019 –2021 incidenteel extra middelen uitgetrokken.”

Het blijft dus onduidelijk wat er vanaf 2022 gebeurt met vergoeding vanuit het Rijk. Welke rol gaat de GRJR spelen bij de kabinetsformatie? Ik denk trouwens ook dat dit onderwerp de revue zal passeren in een aankomende hoorzitting van de Commissie tot Onderzoek van de Rekening met wethouder Bokhove. Of dat het er in ieder geval goed in zal passen.

Hoe realistisch is het om nog van de opwaartse taakstelling uit te gaan die de GRJR zich heeft voorgenomen? Een besparing van om en nabij €10 miljoen in 2024 klinkt erg ambitieus. Kun je dat in combinatie met onzekerheid over additionele middelen vanuit het Rijk wel waarmaken? Misschien moet je die taakstelling even ‘on hold’ zetten zolang de onzekerheid voortduurt. In dat kader: die taakstelling klinkt als vrij cosmetisch in de oren, omdat er verschuiving plaatsvindt van regionale naar lokale inkoop. Het idee is namelijk om minder tweedelijns jeugdzorg in te zetten en bijvoorbeeld meer op preventie. Per saldo verandert er voor de gemeente Rotterdam dan niet zoveel.

De kadernota voelt in dat opzicht als een soort van ‘coming of age’ van de GRJR. Zij weet nu beter wat regionaal moet worden ingekocht en wat lokaal moet worden ingekocht. Dat volwassendom verwelkomen wij.

Verder nog twee vragen. Is de beweging lokaal naar drang al ingezet? Gemeente moest voor 1/11 beslissen. Wordt dat dan ondergebracht bij de wijkteams? In de kadernota wordt gerept over ‘lokale teams’, namelijk. In de kadernota staat dat besluitvorming over drang vóór 1 november 2020 inzichtelijk moet worden gemaakt.

Tot slot, voorzitter. Wat zijn de consequenties van het nieuwe woonplaatsbeginsel? Is de beweging naar een objectieve verdeling gunstiger voor Rotterdam? In de Kadernota staat namelijk: “De overgang van het historisch verdeelmodel naar een objectief verdeelmodel zal ook gevolgen hebben voor de middelen die de individuele gemeenten ontvangen ter dekking van de kosten.” Maar er staat ook dat dit pas bij de meicirculaire bekend is, dus ver na het indienen van een zienswijze.

Tot zover, voorzitter.

--

Klik hier voor de uitzending van de vergadering op het raadsinformatiesysteem van de gemeenteraad van Rotterdam.