Bijdrage: Beant­woording schrif­te­lijke vragen over 'Laag aantal bouw sociale huur­wo­ningen'


Uitge­sproken in de verga­dering van de commissie BWB op 20 januari 2021

20 januari 2021

Voorzitter,

Wij hebben de beantwoording van de schriftelijke vragen over de realisering van nieuwe sociale woningen gelezen. Wij hebben wat vragen.

Welk deel van de 2.244 sociale huurwoningen uit deze bestuursperiode gaan muteren naar vrije sector als de eerste bewoners verhuizen? Dit gebeurt namelijk bijvoorbeeld bij Blok S of in het bestemmingsplangebied van Parlando. Graag een concreet antwoord en anders een toezegging. Van die 2.244 zijn er 1.482 door particulieren gerealiseerd. Wat gebeurt er als deze woningen volgend jaar al door de WOZ-grens van €174.000 breken? Ik kreeg vandaag mijn aanslag binnen. Mijn woning is in vier jaar tijd bijna een ton gestegen in WOZ-waarde, voorheen lag ‘ie onder de €174.000. De facto is er dus een woning onttrokken aan het sociale segment. Begrijp ik het zo goed, voorzitter?

Wij willen weten of de gemeente zich hard maakt om de verhuurdersheffing van tafel te krijgen. Is dat het geval? De grondprijzen in Rotterdam worden gebaseerd op de systematiek van residuele waarde. Krijgen corporaties of particuliere ontwikkelaars een korting op de residuele waarde als zij DAEB-activiteiten willen ontplooien? Zo nee, waarom niet? Volkshuisvesting is toch een zorgplicht van de overheid? Krijgt de wethouder signalen vanuit de corporaties dat de bouwkosten de ontwikkeling van nieuwbouw in het sociale segment in de weg zitten? Zo ja, doet de wethouder iets om de grondexploitatiekosten voor woningcorporaties door de tijd heen te spreiden, om zo financiering van nieuwbouwprojecten rond te krijgen? En zo nee, waarom dan niet?

Wij hebben ook van de corporaties vernomen dat gerenoveerde woningen waar een som van meer dan €70.000 mee is gemoeid of die in onbewoonde staat zijn, door het college worden opgeteld bij nieuwbouw in het sociale segment. Waarom is besloten dit te doen? Waarom denkt de wethouder dat hiermee de sociale woningvoorraad wordt vergroot? Waar kunnen we dit beleid terugvinden in de Woonvisie 2016, geconsolideerde versie? Op grond waarvan is de grens daarbij gesteld op die 70.000 euro? Is dat gebeurd in overleg met woningcorporaties? Zo ja, wanneer? En zo ja, staat het in de prestatieafspraken? Zo nee, waarom is dat niet gebeurd?

Is het de wethouder bekend dat de grote vier corporaties het volgende hebben laten weten: "De gemeente rekent renovaties (...) mee in de nieuwbouw aantallen van corporaties. Deze woningen zijn feitelijk geen uitbreiding van de sociale voorraad. We hebben geen volledig beeld hoeveel renovaties de gemeente heeft meegerekend in de nieuwbouwaantallen. Wij zijn geen voorstander dat renovaties worden meegerekend in de sociale nieuwbouwproductie in de stad".

Wat is de consequentie van het door de gemeente meetellen van gerenoveerde sociale huurwoningen tot de nieuwbouwaantallen? Leidt dit tot een aanpassing van de prestatieafspraken? Treedt de wethouder hierover in overleg met de corporaties en de huurdersorganisaties? Wanneer gaat dat gebeuren? Zo nee, waarom gebeurt dat niet?

Heeft de wethouder een volledig beeld van hoeveel renovaties de gemeente meerekent in de nieuwbouwaantallen? Hoe ziet dat volledige beeld eruit? Gaat de wethouder vrijesectorwoningen, die op dezelfde wijze zijn gerenoveerd, ook meetellen met de nieuwbouwaantallen van de woningen in het middensegment, hoger segment en topsegment? Zo ja verrekent u die met de te realiseren aantallen in de Woonvisie?

Is de wethouder het met ons eens dat het geen hout snijdt om renovaties mee te rekenen bij de nieuwbouwaantallen?

Tot zover, voorzitter.

--

Klik hier voor de uitzending van de vergadering op het raadsinformatiesysteem van de gemeenteraad van Rotterdam.