Schrif­te­lijke vragen over de kleine mantel­meeuw op voormalig vogel­eiland De Beer


29 juni 2014

De Partij voor de Dieren Rotterdam heeft vandaag schriftelijke vragen gesteld over de kleine mantelmeeuw op voormalig vogeleiland De Beer.



Op de kop van voormalig vogeleiland De Beer worden door het Havenbedrijf Rotterdam jachthonden ingezet om kleine mantelmeeuwen op te jagen, zodat de bouwgrond voor de eventueel te bouwen olieterminal van Shtandart broedvrij blijft. Het is echter nog altijd onzeker of de olieterminal ooit gebouwd gaat worden. Ondanks deze onzekerheid geeft het Havenbedrijf Rotterdam en dus indirect de gemeente Rotterdam, die 70% van de aandelen van het Havenbedrijf bezit, mede hiervoor, jaarlijks, honderdduizenden euro's uit. In het “Faunabeheerplan meeuwen havengebied Rotterdam 2010-2015 staat niet beschreven dat de kleine mantelmeeuw het broeden onmogelijk gemaakt mag/zal worden om bouwrijpe grond vrij van nesten te houden.

De kolonie kleine mantelmeeuwen in het havengebied van Rotterdam is de grootste van heel West Europa (ruim 25.000 broedparen) en bevat ongeveer 40% van de totale Nederlandse populatie kleine mantelmeeuwen.

Er worden tevens, ondanks de waarschuwingsborden ”Let op! Overstekende vogels”, regelmatig grijsbruine kuikens doodgereden door automobilisten. Snelheidsbeperkende maatregelen zijn in dit geval effectief om het aantal ongelukken met kleine mantelmeeuwkuikens, maar ook andere meeuwenkuikens te verminderen. De Partij voor de Dieren vraagt het college onder andere om een snelheidsbeperking in te stellen tijdens het broedseizoen.