Bijdrage: Haven­visie 2030


Uitge­sproken in de raads­ver­ga­dering van 28 november 2019

28 november 2019

Voorzitter,

Allereerst een positieve noot. Wij zijn blij dat in deze havenvisie het landelijke klimaatdoel van 49% CO2-reductie in 2030 ten opzichte van 1990 wordt onderschreven. Maar dan gelijk het slechte nieuws: het Havenbedrijf lijkt niet in te zien dat de Rotterdamse opgave zwaarder is dan de landelijke opgave. Wat ons de afgelopen week onder andere heeft gestoord is dat er wordt gesuggereerd dat de CO2-uitstoot in de haven met de helft moet afnemen. Nee, voorzitter. Die CO2-uitstoot moet met twee derde afnemen. Cijfers liegen niet. Maar dit is niet opgenomen in de havenvisie en daarom zijn wij nog altijd geen baas in eigen haven. Een slechte zaak.

De haven is het leefgebied van diverse meeuwensoorten. Steeds vaker trekken meeuwen naar stedelijk gebied omdat er in de haven geen plek meer voor ze is. Zo wordt nu ook het enige nog braakliggende perceel aan de Kop van de Beer binnenkort bebouwd. Gelukkig vindt ook het Havenbedrijf dat meeuwen in de haven thuishoren, maar we moeten ze een handje helpen om een nieuwe permanente broed- en rustplek voor de meeuwen te realiseren. Dat kan de Splitsingsdam zijn, tussen Calandkanaal en Nieuwe Waterweg. Vrij van vissers, vrij van roofdieren. Maar die Splitsingsdam is nog wel te smal. Daarom een motie om samen met het Havenbedrijf de mogelijkheden te verkennen hier een meeuwenreservaat van te maken. Tevens willen wij dat de provincie Zuid-Holland wordt betrokken om de zorgplicht voor de instandhouding van kwetsbare meeuwensoorten op zich te nemen, in het kader van natuurbescherming. Hierbij onze motie.

Tot zover, voorzitter.